Spring naar de content

Hartfalen

Het hart is opgebouwd uit vier gespierde holten, vier kleppen, en allerlei verbindende weefsels. Wanneer het spierweefsel samentrekt, wordt de inhoud van de hartholten kleiner, zodat het bloed wordt weggepompt. Hoe krachtiger de hartspier is, des te beter het bloed in het lichaam wordt rondgepompt. Door verschillende oorzaken, zoals bijvoorbeeld een hartinfarct, kan het hart aan kracht verliezen en minder goed pompen. Wanneer de pompkracht tekortschiet, spreekt men van hartfalen (decompensatio cordis).

Doordat de pompfunctie van het hart is verminderd, krijgen sommige lichaamsdelen minder bloed waardoor allerlei klachten kunnen ontstaan. Veelvoorkomende klachten bij hartfalen zijn vermoeidheid, vocht vasthouden, vol gevoel in de bovenbuik en verminderde eetlust, 's nachts vaak moeten plassen, slapeloosheid, verstopping (obstipatie) en koude handen en voeten.