Spring naar de content

Hartinfarct (myocardinfarct)

Het lichaam heeft voeding en zuurstof nodig. Beide worden aangevoerd door het bloed, dat wordt rondgepompt door het hart. Zoals alle spieren heeft het hart ook zuurstof nodig. Die krijgt het hart vanuit de kransslagaders (coronaire vaten). Dit zijn bloedvaten die als een krans om het hart heen liggen. Bij een hartinfarct is een (zijtak) van de kransslagaders helemaal afgesloten geraakt, waardoor er geen bloed meer door kan stromen. De ernst van het hartinfarct hangt af van de grootte van het aangetaste hartweefsel, maar ook van de plaats ervan. Ieder hartinfarct is daarom anders en ook de gevolgen kunnen enorm verschillen. 

Bij een acuut hartinfarct voelt de patiënt een beklemmende, drukkende of benauwende pijn op de borst, midden op de borst of iets naar links. De pijn kan uitstralen naar de rug, de armen of naar de onderkaak. De pijn duurt ook in rust langer dan vijf minuten. De verschijnselen kunnen gepaard gaan met zweten en misselijkheid en een gevoel van onrust en angst. Het is belangrijk om direct het alarmnummer 1-1-2 te bellen.