Spring naar de content

Toon Heijms leerde op zijn 52ste lezen en schrijven: ‘Er is een wereld voor me open gegaan’

Geplaatst: woensdag 13 maart 2019

Zo’n dertig dokters, verpleegkundigen en poliassistenten van Chronische Zorg luisterden gisteravond geboeid naar het verhaal van Toon Heijms (60) uit St. Oedenrode. Hij vertelde over laaggeletterdheid en hoe hij dit probleem op zijn 52ste overwon.

Het gesprek met Toon was onderdeel van een bijeenkomst over laaggeletterdheid waarmee in Bernhoven de eerste concrete aftrap werd gedaan om laaggeletterdheid onder de aandacht van de medewerkers te brengen. Dit is het verhaal van Toon:

“Ik ben drie jaar geleden getest op dyslectie en wat bleek: ik ben behoorlijk dyslectisch. Toen ik naar school ging kenden ze dat woord niet eens. Toon kan niet goed leren, dan moet Toon maar naar de BLO-school.” (Bijzonder Lager Onderwijs, vergelijkbaar met wat nu MLK onderwijs is).

Goed met de handjes

“Op de BLO-school werd het niet echt beter. Ik bloeide op bij de handarbeidles, want ik was heel goed met de handjes.” Uiteindelijk volgt Toon de metaalopleiding ITO (Individueel Technisch Onderwijs). “Die opleiding duurde vier jaar en heb ik afgerond, want dat was vooral veel praktijk en weinig theorie, dat lukte wel.”

Smoesjes

“Dat ik nauwelijks kon lezen en schrijven wist ik altijd goed te verbergen, want praten kon ik prima. Ik verzon allerlei smoesjes. Moest ik een formulier invullen dan nam ik het mee en zei dat ik dat thuis wel zou doen. Of tegen een collega zei ik ‘schrijf jij het maar even op want jij hebt een mooier handschrift’.”

Keerpunt

Toon gaat aan het werk als onder meer constructiemedewerker en metaalarbeider. Nu heeft hij zijn eigen zaak als fietsreparateur. Intussen leert hij zijn vrouw Joke kennen en samen krijgen zij vier zoons. Jeroen (nu 30) heeft het syndroom van Down. Dat was een keerpunt voor Toon, want Joke waarschuwt hem dat Jeroen straks misschien beter zou kunnen lezen en schrijven dan zijn vader. Maar Toon was ook bang zijn vrienden te verliezen, hij schaamt zich.

Toch gaat Toon naar volwassenenonderwijs om taallessen te volgen. Hij treft een docente die zich intensief met Toon bemoeit. “Dankzij haar heb ik de draad opgepakt. Ik ben haar nu nog dankbaar, want zij heeft mij nooit laten vallen. Nu ben ik zelfs taalambassadeur.”

Schaamte voorbij

“Ik was opeens de schaamte voorbij, voelde me bevrijd en wat zo mooi was: mijn vrienden lieten mij niet vallen. Er is een wereld voor mij open gegaan. Als taalambassadeur vertel ik mijn verhaal om zo andere mensen over de drempel te helpen. Het belangrijkste wat ik tegen mensen kan zeggen die hetzelfde meemaken als ik is: ga naar school! Er gaat een wereld voor je open. Tegen hulpverleners zeg ik: breng het ter sprake als je een vermoeden hebt van laaggeletterdheid. Iemand kan hooguit boos of verdrietig worden of weglopen. Maar in de meeste gevallen is het een opluchting.”