Spring naar de content

Instructies voor opname in verband met een onderzoek/ behandeling onder een diepe sedatie

  1. Wat is sedatie en hoe werkt het?

Sedatie is de medische benaming voor het verlagen van het bewustzijn. Bij diepe sedatie brengen we je in een diepe slaap. Een van onze sedatie praktijkspecialisten geeft jou deze sedatie. Voordat het onderzoek of de behandeling begint, krijg je een snel en kortwerkend slaapmiddel en eventueel een pijnstiller via het infuus. We kiezen een goede dosering, waarbij je wel zelfstandig blijft ademen, maar nauwelijks tot niets mee krijgt van het onderzoek. De sedatie praktijk specialist blijft tijdens het hele onderzoek/ behandeling bij je. Hij of zij controleert de bloedsomloop en ademhaling en stelt zo nodig de sedatie bij.

Als het onderzoek/behandeling is afgelopen stopt de toediening van het slaapmiddel en de pijnstiller. Door de korte werking van beide middelen ben je snel weer wakker.

  1. Eten en drinken

Nuchter

  • Voor het veilig ondergaan van diepe sedatie moet je altijd nuchter zijn. Het maakt niet uit welk onderzoek je krijgt. ‘Nuchter’ betekent dat je maag leeg is. Zo voorkomen we dat de inhoud van je maag tijdens het onderzoek/de behandeling in de luchtpijp en longen komt. Dit kan tot ernstige problemen leiden. Als je niet nuchter bent, moeten we het onderzoek/de behandeling uitgestellen.

Dit betekent:

Tot 6 uur voor de OPNAME:

  • Je mag gewoon eten en drinken

Vanaf 6 uur voor uw OPNAME:

  • Je mag niets meer eten
  • Je mag nog wel 2 glazen drinken: water, ranja, thee of koffie (evt. met zoetje of suiker)
  • Je mag niet meer drinken: melk (producten), sappen, koolzuurhoudende dranken of alcohol

Vanaf 2 uur voor uw OPNAME:

  • Je mag niets meer eten en drinken, ook geen kauwgom of snoepjes
  • Een slokje water om je medicijnen in te nemen (of bij het tandenpoetsen) mag nog wel
  • Vanaf 24.00 uur mag je ook niet meer roken

□ Gastroscopie, coloscopie, EUS, ERCP: Je volgt de aanwijzingen dieje van de MDL arts hebt gekregen. Vanaf 2 uur voor het onderzoek mag u ook niet meer drinken!  

Richtlijnen voor patiënten met diabetes:

SGLT2 (empagliflozine, dapagliflozine, canagliflozine, ertugliflozine):

□      3 dagen voor de operatie stoppen

Regulatie andere orale antidiabetica (OAD)

□     dag voor de operatie: avonddosering gewoon geven

□    dag van de operatie:

  • ochtenddosering van de sulfonylureumderivaat (glibenclamide, glimepiride, gliclazide en tolbutamide), metformine, DPP-4 remmers (linagliptine, saxagliptine, sitagliptine en vildagliptine) en GLP1-agonisten (dulaglutide, exenatide, liraglutide, lixisenatide en semaglutide) achterwege laten.

Regulatie Subcutane insuline pomp

□       patiënten kunnen hun insuline pomp op 75% van normaal zetten, vanaf het moment van nuchter zijn tot het moment dat ze weer mogen eten.

Bij een ingreep > 2 uur: subcutane pomp staken ochtend van ingreep om 7.30u of bij binnenkomst ziekenhuis en starten met infuus glucose 5% 2 ltr/24uur met 8 IE novorapid per zak van 500ml. Postoperatief bij eerste maaltijd glucose infuus staken en eigen insulinepomp hervatten op de gebruikelijke stand.

Regulatie insuline

Bij insuline met een ingreepduur van maximaal 2 uur in de ochtend

  • bij voorkeur als eerste in de ochtend op het operatieprogramma plannen

□       dag voor de operatie

  • avonddosering lang werkende insuline (insulatard, lantus, levemir, humuline NPH, insuman basal) met 25% verlagen
  • dosering kortwerkend insuline en insulinemix niet aanpassen

□       dag van de operatie:

  • geen insuline op de ochtend van de ingreep
  • eigen diabetes medicatie hervatten postoperatief bij de eerste maaltijd
  • bij kortwerkend insuline de gebruikelijke dosis spuiten
  • bij insulinemix bij de middagmaaltijd de helft van de ochtenddosis spuiten, 's avonds de gebruikelijke dosering
  • bij langwerkende insuline 's ochtends, na de ingreep de helft van de ochtenddosis spuiten, 's avonds de gebruikelijke dosis spuiten

Bij insuline met een ingreepduur van maximaal 2 uur in de middag

□      dag voor de operatie:

  • avonddosering langwerkend insuline (insulatard, lantus, levemir, humuline NPH, insuman basal) met 25% verlagen
  • dosering kortwerkend insuline en insulinemix niet aanpassen

□      dag van de operatie:

  • bij licht ontbijt om 6 uur 50% van de ochtenddosering mixinsuline, kortwerkend insuline of langwerkende insuline spuiten
  • eigen diabetes medicatie hervatten postoperatief bij de eerste maaltijd
  • bij kortwerkend insuline, insulinemix en langwerkende insuline 's avonds de gebruikelijke dosis spuiten

Patiënten met diabetes die instructies meekrijgen van de MDL-arts

□ Omdat je patiënt bent bij de MDL-arts gelden voor jou aparte instructies die je meekrijgt via de polikliniek MDL

  1. Medicijnen

 □ Je medicijnen kun je op de ochtend van de ingreep innemen, eventueel met wat water.

A: De volgende medicijnen mag je niet innemen op de ochtend van het onderzoek/ behandeling: ____________________________________________

□ Voor diabetes medicatie: zie vorige bladzijde voor schema.

B: De volgende medicijnen mag je niet innemen:

   ____ dagen voor de ingreep ___________________________________________________________ 

   ____ dagen voor de ingreep ____________________________________________________________

□ TROMBOSEDIENST

Wanneer het onderzoeksdatum bekend is, zo snel mogelijk de trombosedienst bellen (0413-40 30 00) of mailen trombose@bernhoven.nl

De trombosedienst past je schema aan en geeft de stopdagen van de bloedverdunners door.

  1. Pijnstilling

□ n.v.t.

Afhankelijk van het onderzoek/ behandeling die je ondergaat, krijg je een recept mee met pijnstillers. Haal deze medicijnen op tijd op bij je apotheek en neem ze mee naar het ziekenhuis bij opname. Zorg ook dat je genoeg paracetamol in huis te hebt.

In onderstaand schema staat vermeld welke medicijnen je kunt innemen na de behandeling. Wij adviseren je om deze pijnmedicatie in ieder geval gedurende 48 uur in te nemen en daarna op geleide van de pijn af te bouwen.

□ Paracetamol 1000 mg (2 tabletten van 500 mg), 4 keer per dag (om de 6 uur)

□ Etoricoxib (Arcoxia) 90 mg, één keer per dag

□ Oxynorm 5 mg zonodig, maximaal 6 keer per dag

□ Pantoprazol of Omeprazol 40 mg, één keer per dag (maagbeschermer)

□ Anders namelijk:……………………………………………………………….

Bij gebruik van Etoricoxib (Arcoxia) schrijven we in sommige gevallen ook een maagbeschermer voor om problemen te voorkomen. Het is dus wel belangrijk dat je deze maagbeschermers  inneemt ook al heb je geen maagklachten en heeft het geen invloed op de pijn. Deze tabletten worden helaas niet meer vergoed door de verzekering.

Bij het gebruik van paracetamol mag je geen andere medicatie gebruiken waar paracetamol ook in zit (als panadol plus, paradon, saridon, finimal en zaldiar).

Bij het gebruik van Arcoxia mag je geen medicijnen gebruiken als naproxen, ibuprofen en diclofenac.

Oxynorm is een sterke pijnstiller. Daarvan kun je wat licht in het hoofd worden en af en toe misselijk. daarom is het niet verstandig om na inname deel te nemen aan het verkeer.

Het afbouwen van de pijnmedicatie is het verstandigst in onderstaande volgorde:

  • oxynorm: minder vaak innemen, dan wel stoppen
  • arcoxia (en evt maagbeschermer) stoppen
  • paracetamol: minder vaak innemen en daarna stoppen
  1. Pijn Telefoon Service (bij dagbehandeling)

Bernhoven wil graag op de hoogte blijven van je pijnniveau en dit kan via de (mobiele) telefoon. Zo volgen wij de ernst van de pijn en kunnen wij zo nodig adviezen geven om de pijn beter te behandelen. Veel pijn na een operatie is namelijk niet nodig en kan het herstel na een operatie belemmeren. De anesthesioloog bespreekt met je af of jij voor de Pijn Telefoon Service in aanmerking komt.

Je wordt gebeld op het telefoonnummer dat  als eerste in ons systeem staat. Als je op een ander nummer gebeld wilt worden, laat het nummer dan aanpassen bij de patiëntenregistratie van het ziekenhuis.

Hoe werkt de Pijn Telefoon Service?

De Service start de avond na de operatie, daarna bellen we 3 keer per dag, namelijk om 9.00 uur, 15.00 uur en 19.30 uur, gedurende 3 dagen. De telefoon wordt automatisch aangestuurd.

  • Een 'stem' vraagt je om eerst een hekje te toetsen, daarna vraagt hij om met de cijfertoetsen de mate van pijn aan te geven die je voelt. Je kiest daarbij uit een schaal van 0 t/m 10 waarbij 0 geldt voor géén pijn en 10 voor onhoudbare pijn. Als je de score hebt ingetoetst, wordt de verbinding automatisch verbroken.
  • Als het getal dat je hebt ingevoerd volgens de richtlijn een te hoge score aangeeft, neemt een medewerker van het acute pijnteam (APS) contact op. Let bij het invoeren van de score goed op het juist inschatten van de pijn. Het cijfer dat je intoetst kan niet worden hersteld.
  • Als je op het moment dat je gebeld wordt niet zelf de telefoon kunt beantwoorden, regel dan iemand uit je omgeving die dat namens jou doet.
  • De service werkt op je mobiele en vaste telefoon. Je krijgt 10 minuten voordatje gebeld wordt een herinneringsberichtje als je je mobiele nummer hebt opgegeven. Deze service is gratis.
  • Door jouw medewerking kunnen we de pijnservice verbeteren en beter inspelen op mogelijke problemen. Wij danken je dan ook voor uw medewerking.
  • Als je veel pijn hebt, moet je niet wachten tot je een telefoontje krijgt. Bel dan met de receptie van Bernhoven: telefoonnummer:  0413 - 40 40 40. Zou je naar de spoedeisende hulp van Bernhoven moeten komen, volg bij het ziekenhuis dan de borden 'Spoedpost Bernhoven'.
  1. Bloedprikken

□ n.v.t.

□ Ja, dit doe je direct na het spreekuur PPO met het laboratoriumformulier. 

□ Ja, dit doe je op de opnamedag voordat je je op de verpleegafdeling meldt. Je moet hiervoor een half uur eerder op het laboratorium zijn. Openingstijden  maandag, woensdag, donderdag en vrijdag van 07.30- 17.30 uur en op dinsdag van 07.30- 19.30 uur. Route 010.

□ Ja, dit doe je 1 werkdag voor het onderzoek/ behandeling met het laboratoriumformulier. 

□ Anders, namelijk:

  1. Temperatuur opnemen

  • Neem 's ochtends de lichaamstemperatuur op. Als je temperatuur boven de 38°C is, neem dan contact op met de afdeling waar je opgenomen wordt.
  1. Overige dingen waar je aan moet denken

  • In verband met de hygiëne moet je je ‘s morgens thuis douchen en schone, makkelijk zittende kleding aan trekken.
  • Gebruik geen bodylotion of andere crème.
  • Verwijder contactlenzen, make-up, nagellak, sieraden en piercing.

Neem mee: 

  • alle medicijnen (die je gebruikt) in originele verpakking; 
  • tromboseschema (bij gebruik hiervan); 
  • je patiëntenpas; 
  • toiletspullen/ makkelijke kleding; 
  • bakje voor gebitsprothese; 
  • het telefoonnummer van een contactpersoon/de persoon die jou op komt halen, je mag niet zelf actief deelnemen aan het verkeer!; 
  • laat waardevolle spullen of veel geld thuis.
  1. Heb je nog vragen?

Heb je nog vragen, neem dan contact op met de afdeling Pre Sedatie Onderzoek (PSO) tijdens kantooruren: 0413 - 40 13 60