Spring naar de content

Lumbaalpunctie (Ruggenprik)

Binnenkort wordt u opgenomen in Bernhoven voor een ruggenprik. In medische taal noemt men dit lumbaalpunctie. Bij een ruggenprik wordt een kleine hoeveelheid ruggenmergvocht (liquor) uit uw lichaam gehaald. Bij sommige ziekten verandert de samenstelling van het ruggenmergvocht. Daarom wordt het vocht in het laboratorium onderzocht. In deze folder vertellen we u hoe de lumbaalpunctie verloopt.

Risico's en complicaties

Meestal verloopt een ruggenprik zonder complicaties. Wel kan de arts tijdens de punctie in de buurt komen van een zenuw. U voelt dan een soort elektrische schok of pijnscheut in uw been. Dit is even pijnlijk maar niet gevaarlijk. Eén op de vijf mensen krijgen na het onderzoek last van hoofdpijn. Deze hoofdpijn gaat over als u plat op uw rug gaat liggen. De hoofdpijn is lastig maar niet gevaarlijk. De oorzaak is dat er ruggenmergvocht uit het prikgaatje weglekt. Dit gaatje gaat in de meeste gevallen binnen enkele dagen vanzelf dicht. Napijn op de prikplaats komt zelden voor, het voelt als een "blauwe plek".

De punctie

Hoe bereidt u zich voor?

  • Voor deze punctie zijn geen speciale voorbereidingen nodig.
  • Als u bloedverdunnende geneesmiddelen gebruikt, zoals sintromitis of marcoumar, vertelt uw arts wat u hiermee moet doen.
  • Omdat u na het onderzoek enige tijd plat moet blijven liggen, is het voor u misschien fijn als iemand u begeleidt. Deze persoon kan helaas niet bij de behandeling zelf zijn.
  • Na de behandeling is het niet verstandig zelf actief aan het verkeer deel te nemen. Zorg daarom van te voren dat er iemand is die u kan ophalen.

Waar moet u zijn?

U meldt zich op de afgesproken tijd en dag bij de balie van het ambulant centrum van Bernhoven, route 140, afdeling dagbehandeling.

Hoe verloopt de punctie?

In de kamer waar de punctie plaatsvindt, neemt u plaats op het bed. Meestal zit u rechtop, soms ligt u op uw zij. De neuroloog tast de wervelkolom af, en desinfecteert de huid op de `prikplaats'.

De plaats waar geprikt wordt, zit in het onderste gedeelte van de rug. In het onderste gedeelte van de rug, bij de lendenwervels, zit een soort holte met ruggenmergvocht. Om een beetje van dit vocht af te nemen prikt de neuroloog tussen de lendenwervels. Bij deze behandeling wordt dus niet in het ruggenmerg zelf geprikt! De neuroloog vraagt u de rug zo krom mogelijk te maken en tegelijk te ontspannen. Zo kan de neuroloog de naald makkelijk inbrengen tussen de wervels. De naald moet precies ingebracht worden tot de holte waar het vocht zit en dat is soms even zoeken. De pijn die u hierbij voelt is te vergelijken met een prik bij bloedafname. Van het wegnemen van het vocht zelf, voelt u niets. Het vocht wordt in een buisje opgevangen. Als er voldoende vocht in het buisje zit, wordt de naald verwijderd en krijgt u een pleister op de prikplaats.

Na de punctie

Na de punctie bepaalt de neuroloog hoelang u plat blijft liggen en wanneer u naar huis mag. De verpleegkundige komt gedurende regelmatig kijken hoe het met u gaat en geeft u wat te drinken.

Houdt u er rekening mee dat u meestal ongeveer één uur na de lumbaalpunctie naar huis kunt.

Uitslag

Het duurt drie weken (en soms langer) tot de laboratoriumuitslagen bekend zijn. Bij uw volgende bezoek aan de polikliniek bespreekt de neuroloog de resultaten met u.

Adviezen voor thuis

  • De eerste twee weken na de punctie kunt u last hebben van hoofdpijn en/of misselijkheid. Als u hier last van krijgt, moet u drie tot vier dagen strikte bedrust houden en veel drinken. Veel drinken betekent minimaal acht glazen per dag.
  • Voor de hoofdpijn kunt u zo nodig paracetamol innemen.
  • Neem contact op met de polikliniek neurologie als u koorts krijgt of als de hoofdpijn na drie-vier dagen bedrust nog steeds niet minder wordt.
  • Het is verstandig om op de dag van de punctie geen zware inspanningen (met name bukken en tillen) te doen of te gaan werken.

Heeft u nog vragen?

De informatie in deze folder is bedoeld als aanvulling op het gesprek met uw arts. Hert kan zijn dat sommige dingen anders lopen dan in de folder is beschreven, dat hangt af van uw persoonlijke situatie.  Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, stel deze gerust aan uw neuroloog.

  • Telefoonnummer polikliniek neurologie: 0413 - 40 19 53