Spring naar de content

DOAC’S = direct werkende orale anticoagulantia (antistollingsmiddelen)

Uw behandelaar heeft u een DOAC voorgeschreven. DOAC’s verminderen het samenklonteren van het bloed. Ze remmen de vorming van bloedstolsels en verminderen de kans op afsluiting van een bloedvat. Ze doen dit door remming van een stollingseiwit (stollingsfactor II of X) in het bloed (antioagulantia betekent antistollingsmiddelen).

Het betreft een van de volgende middelen:

  • Dabigatran = Pradaxa (factor II remmer)
  • Rivaroxaban = Xarelto (factor X remmer)
  • Apixaban = Eliquis (factor X remmer)
  • Edoxaban = Lixiana (factor X remmer)

De DOAC’s worden voorgeschreven ter:

  1. voorkoming (profylaxe) van een trombosebeen/longembolie na een heup- of knievervangende operatie (Edoxaban is hiervoor niet geregistreerd).
  2. behandeling van een eerste (of opnieuw opgetreden) trombosebeen en/of longembolie
  3. voorkoming van een CVA/TIA bij patiënten met boezemfibrilleren (atriumfibrilleren)

De voordelen van de DOAC’s t.o.v. andere antistollingsmiddelen zijn:

  • Vaste dosering (kan eventueel in medicijnrol)
  • Snelle werking
  • Geen bloedtest nodig
  • Weinig invloed van andere medicatie
  • Geen invloed van voeding/dieet
  • Minder hersenbloedingen bij vergelijkbare effectiviteit (= voorkomen trombose)

Er zijn ook enkele nadelen t.o.v. de VKA’s (vitamine K antagonisten): 

  • Geen bloedtest betekent ook geen controle op de inname (de therapietrouw)
  • Gezien de korte werkingsduur van de DOAC’s is het belangrijk dat ze nauwkeurig worden ingenomen. Een dag niet innemen, is de volgende dag niet beschermd!
  • De DOAC’s kunnen niet gebruikt worden bij een mechanische hartklep, bij kinderen, bij zwangeren, bij borstvoeding, bij ernstige nierfunctiestoornissen en bij gebruik van sommige medicatie (zoals middelen voor epilepsie, gebruikt u andere medicijnen overleg dan met de arts)
  • Voor drie van de vier middelen is er geen tegengif; voor Dabigatran is dit er wel
  • Een tegengif tegengif is echter zelden nodig en een bloeding is vaak goed te behandelen met lokale maatregelen, bloedprodukten en stollingsfactoren
  • De nierfunctie moet bewaakt worden, omdat bij achteruitgang van de nierfunctie de dosering van de DOAC eventueel aangepast moet worden of zelfs gestaakt

Welk medicijn voor u het beste is, beslist u samen met uw behandelaar. 

Specifieke productkenmerken

 

 

Dabigatran

Rivaroxaban

Apixaban

Edoxaban

Standaard therapeutische dosering

2x daags 150mg

1x daags 20mg

(tijdens de maaltijd)

2x daags 5mg

1x daags 60mg

Dosering bij verlaagde nierfunctie

2x daags 110mg

1x daags 15mg

(tijdens de maaltijd)

2x daags 2,5mg

1x daags 30mg

Profylactische dosering (knie- en heupprothese)

1x daags 220mg

1x daags 10mg

(met of zonder voedsel)

2x daags 2,5mg

-

Begin van werking na inname

2 uur

2-4 uur

1-3 uur

1-2 uur

Werkingsduur

+/- 1 dag

+/- 1 dag

+/- 1 dag

+/- 1 dag

Indicatie longembolie/trombosebeen

’spuitjes’nodig gedurende de eerste 5 dagen

ja

Nee/wel de eerste

 3 weken een hogere dosis rivaroxaban

2x 15mg

(daarna 1x20mg)

Nee/wel de eerste 7 dagen een hogere dosis apixaban 2x10mg

(daarna 2x5mg)

ja

Tegengif (‘antidotum”)

Ja, praxbind

nee

nee

nee

Behandeling bij bloedingen

Praxbind, bloedproducten

Stollingsfactoren

bloedproducten

Stollingsfactoren

bloedproducten

Stollingsfactoren

bloedproducten

Bijwerkingen

Maag-darmklachten, huidklachten, bloedingen

Maag-darmklachten,

Huidklachten,

Hoofdpijn, moe, spierklachten, depressie, bloedingen

Maag-darmklachten, huidklachten, bloedingen

Maag-darmklachten, huidklachten, bloedingen

Gebruik van Sint Janskruid, sommige middelen voor epilepsie, tuberculosemedicatie,schimmelmiddelen in tabletvorm, sommige antibiotica

Niet gebruiken

Apotheek meldt dit/pas   op met zelfzorgmedicatie

Niet gebruiken

Apotheek meldt dit/pas   op met zelfzorgmedicatie

Niet gebruiken

Apotheek meldt dit/pas op met zelfzorgmedicatie

Niet gebruiken

Apotheek meldt dit/pas op met zelfzorgmedicatie

Zwangerschap/borstvoeding/kinderen

Niet gebruiken

Niet gebruiken

Niet gebruiken

Niet gebruiken

Behandelduur
Eerste longembolie/trombosebeen

Recidief longembolie/trombosebeen

Boezemfibrilleren

Profylaxe bij knie- en heupprothese


3-6 maanden

Langdurig

Langdurig

4-6 weken


3-6 maanden

Langdurig

Langdurig

4-6 weken


3-6 maanden

Langdurig

Langdurig

4-6 weken


3-6 maanden

Langdurig

Langdurig

4-6 weken

Adviezen bij gebruik DOAC

  • Kies een vast tijdstip van inname, dan vergeet u minder snel
  • Wees voorzichtig met ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s) zoals Ibuprofen, Naproxen, Diclofenac enz. Ze verhogen de kans op maag-darmbloedingen. Voorkeur gaat uit naar Paracetamol als pijnstiller. Als er toch een NSAID nodig is, vraag dan aan uw arts/apotheek of er een maagbeschermer nodig is (zeker bij maagklachten)
  • Bent u vergeten in te nemen? Dabigatran: Gebruikt u een 1X daags dosering en ontdekt u het dezelfde dag? Neem de tablet dan direct in en ga de volgende dag verder met uw gebruikelijke ritme. Gebruikt u 2X per dag een tablet en duurt het nog meer dan zes uur voor u de volgende dosis inneemt? Neem dan de vergeten dosis alsnog in. Duurt het minder dan zes uur? Sla dan de vergeten dosis over.  Rivaroxaban: Gebruikt u 1X daagse dosering en ontdekt u het dezelfde dag? Neem de tablet dan direct in en ga de volgende dag verder met uw gebruikelijke ritme. Gebruikt u 2X daags een tablet in de eerste drie weken bij een trombosebeen/longembolie in een dosering van 2X15 mg. en ontdekt u dat dezelfde dag? Neem de tablet dan direct in, ook als het al bijna tijd is voor de volgende tablet. Neem nooit meer dan twee tabletten per dag! De volgende dag weer verder met uw gebruikelijk ritme. Apixaban: U gebruikt een 2x daagse dosering en ontdekt het dezelfde dag? Neem de dosis direct in, ook als het bijna tijd is voor de volgende tablet. Ga de volgende dag verder met het gebruikelijke ritme. Edoxaban: U gebruikt een 1x daagse dosering. Een vergeten dosis dezelfde dag onmiddellijk alsnog innemen; de vergeten dosis mag niet worden ingehaald door de dosis de volgende dag te verdubbelen! Neem de volgende dag de gebruikelijke dosering weer in.
  • Eten en drinken: over het algemeen zijn er geen beperkingen. Pas bij Rivaroxaban op met grapefruitsap; dit geeft in combinatie met Rivaroxaban meer kans op bijwerkingen. Gebruik een grapefruit of grapefruitsap maximaal 2x per week.
  • Stoppen: stop nooit zomaar met een DOAC, tenzij op advies van uw behandelaar
  • Ingreep: geef bij een ingreep (zowel bij huisarts, tandarts, specialist) altijd aan dat u een DOAC gebruikt. De trombosedienst kan u of uw behandelaar eventueel van advies voorzien.
  • Bijwerking: meldt een klacht/bijwerking die is ontstaan kort nadat u met een DOAC bent begonnen altijd bij uw behandelaar, uw huisarts, de trombosedienst en apotheek.
  • Bloeding: raadpleeg altijd een arts bij een hinderlijke bloeding, een steeds terugkerende bloeding of bloedingen op verschillende plaatsen. Meldt dit ook aan de trombosedienst.
  • Overgang van een VKA naar DOAC: De trombosedienst regelt dit. U stopt een aantal dagen met de VKA (volgens advies trombosedienst) en start pas met de DOAC als uw INR waarde (stollingstijd bij VKA patiënten)<2,0 is. De trombosedienst zal dit aangeven.
  • Overgang van DOAC naar VKA: De trombosedienst regelt dit. U neemt zoals gebruikelijk uw DOAC in en daarnaast ook een startdosering van de VKA (volgens advies trombosedienst). Na een aantal dagen wordt uw INR waarde geprikt. Als deze ≥2 is, dan mag u de DOAC staken. Ook dit geeft de trombosedienst aan. Het is raadzaam om op de dag dat uw INR geprikt wordt de DOAC pas in te nemen nadat u geprikt bent. De DOAC kan soms invloed hebben op de INR bepaling.

Controle bij DOAC-gebruik

De zorg rondom patiënten met DOAC’s is, net als voor patiënten die VKA’s gebruiken, belegd bij de trombosedienst van Bernhoven. De trombosedienst neemt uw gegevens op in een dossier (nadat u hiervoor toestemming heeft gegeven middels een toestemmingsverklaring).

De trombosedienst

  • Roept u 2x per jaar op ter controle van uw nierfunctie. Als u binnen twee weken na de bloedprik niets heeft gehoord, dan is de uitslag goed. Is de nierfunctie afwijkend (of fors achteruitgegaan), dan overlegt de trombosedienst met de behandelaar of de nierfunctie eerder herhaald moet worden of dat de dosering van de DOAC verlaagd of zelfs gestaakt moet worden.
  • Is bereikbaar voor advies rondom ingrepen
  • Is bereikbaar voor advies bij bloedingen/trombose/bijwerkingen
  • Registreert de bijwerkingen, bloedingen en trombose en bespreekt deze anoniem in een kwaliteitsplatform
  • Registreert de reden van staken van een DOA

Bereikbaarheid trombosedienst

De trombosedienst is op werkdagen bereikbaar via 0413 - 40 30 00.