Spring naar de content

Kinderdagbehandeling, een dagje naar het ziekenhuis voor een operatie

Algemeen

In verband met een (kleine) operatie wordt uw kind enkele uren tot één dag opgenomen op de kinderdagbehandeling van Bernhoven. Het verblijf op de kinderdagbehandeling is altijd kort. De kinderen blijven er niet slapen, aan het einde van de dag gaan ze weer naar huis. In deze folder leest u hoe een operatiedag in grote lijn verloopt en krijgt u praktische tips over hoe u uw kind kunt voorbereiden op deze dag. Specifieke informatie over de ingreep zelf ontvangt u van de behandelend arts.

Dagopname: hoe gaat dat?

Bij de afdeling Opname Planning staat uw kind ingeschreven voor de operatie. Deze afdeling informeert u, ongeveer een week van tevoren, over de dag waarop uw kind opgenomen wordt. U krijgt een telefoontje of een brief waarin u uitgenodigd wordt voor de afspraak. Afdeling Opname Planning informeert u bij welke kinderdagbehandeling zich u met uw kind moet melden. Soms wordt afgeweken van de locatie van de afdeling zoals het hieronder beschreven staat, hierover wordt u dan geïnformeerd.

Zelf even bellen

U belt zelf een werkdag voor de operatie tussen 13.30 en 14.30 uur naar de afdeling Opname Planning (0413 - 40 19 18). Zij vertellen u hoe laat u zich op de operatiedag moet melden op de afdeling.

Operatie door de KNO-arts

Krijgt uw kind een KNO-ingreep, zoals neus- en/of keelamandelen verwijderen of het plaatsen van buisjes, dan moet u op de kinderdagbehandeling van het Ambulant Centrum (routenummer 140) zijn.

Andere operatieve ingrepen

Voor alle andere operatieve ingrepen moet u op de kinderdagbehandeling van de Kinder- en Jongerenafdeling (routenummer 470) zijn.

Spreekuur PPO: wat is dat? 

De operatie van uw kind gebeurt onder algehele verdoving. Daarom worden u en uw kind voor de opnamedag eerst verwacht op het spreekuur PPO (Preoperatief Poliklinisch Onderzoek). Een afspraak hiervoor krijgt u van Opname Planning. Het spreekuur PPO duurt ongeveer een half uur.

Tijdens dit spreekuur krijgt u een gesprek met de anaesthesioloog, dit is een arts die voor de verdoving zorgt.  Om veilig een verdoving (anesthesie oftewel in slaap brengen) te kunnen geven moet de anesthesioloog alles weten over de gezondheid van uw kind. Aan de hand van de vragenlijst en een gericht lichamelijk onderzoek, bespreekt de anesthesioloog hoe hij/zij uw kind wil gaan verdoven. Uw kind kan met behulp van een kapje met narcosegas in slaap worden gebracht of via een prik (infuus) met verdovende vloeistof.  De keuze kapje of infuus hangt vooral af van de leeftijd en het gewicht van uw kind.

Narcose via een kapje

Over het algemeen gaan kinderen onder de tien jaar (gewicht <30 kg) met een kapje onder narcose. Het kapje wordt over de mond en de neus geplaatst. Door het inademen van het narcosegas dat zich in het kapje bevindt, valt uw kind in slaap. Het narcosegas vinden de meeste kinderen vies ruiken. Wanneer uw kind slaapt, wordt zo nodig een infuus in de arm ingebracht. Via dit infuus wordt tijdens de operatie indien nodig vocht en medicijnen gegeven. De naald wordt meteen verwijderd en een soort plastic hulsje blijft zitten.

Narcose via een infuus

Tieners (kinderen met een gewicht >30 kg) gaan via het toedienen van verdovende medicijnen via een infuusnaald in de arm (handrug of elleboogsplooi) onder narcose. Deze infuusnaald wordt op de voorbereidingsruimte van de operatiekamer ingebracht. Via deze naald kunnen zo nodig ook extra medicijnen worden gegeven. De plaats waar het kind een prik voor de infuusnaald krijgt, wordt vooraf met een pleister verdoofd zodat de prik minder pijnlijk is voor uw kind. De naald wordt meteen verwijderd en een soort plastic hulsje blijft zitten.

Ernstige complicaties komen na een verdoving bijna niet voor. Wel kunnen bijwerkingen optreden. Bij kinderen zijn de meest voorkomende bijwerkingen na de algehele verdoving (narcose) vooral misselijkheid, braken en keelpijn. Deze verschijnselen verdwijnen meestal binnen enkele dagen.

Zorg dat u goed geïnformeerd wordt zodat u toestemming kunt geven voor de verdoving! De anesthesioloog die u op het spreekuur PPO ontmoet, is niet altijd de arts die uw kind tijdens de operatie verdooft.

Denk aan het Actueel Medicijn Overzicht (AMO)

Wanneer uw kind onder behandeling is bij een arts, is het voor de arts belangrijk om te weten welke medicijnen uw kind gebruikt. Vooral als uw kind meerdere medicijnen tegelijk gebruikt. Daarom verzoeken wij u het Actueel Medicijn Overzicht (AMO) van uw kind mee te nemen naar uw afspraak bij de anaesthesioloog. U kunt dit AMO ophalen bij uw apotheker. Controleert u dit AMO met de huidige medicijnen en pas deze zonodig aan.

Belangrijk om te weten voor de operatie!

Wat neemt u mee?

U kunt het volgende meenemen naar het ziekenhuis:

  • een schone pyjama of een schoon shirt (een extra pyjama en ondergoed zijn aan te raden), 
  • eventueel de knuffel van uw kind, 
  • pantoffels of slippers, 
  • medicijnen die uw kind gebruikt, in de originele verpakking, ook medicijnen die uw kind af en toe gebruikt en de eventuele toedieningsmaterialen, denk bijvoorbeeld aan inhalatiemedicijnen.
  • eventueel iets te lezen en/of eten/drinken voor u zelf. Tegen betaling (via pin) is drinken en eten verkrijgbaar in de lounge op de kinder- en jongerenafdeling en de brasserie of het restaurant van Bernhoven.
  • de patiëntenpas

Ziekte

Neem op de ochtend van de opname (vanaf zeven uur) contact op met desbetreffende afdeling als:

  • uw kind braakt, koorts (>38 graden Celsius) of diarree heeft;
  • uw kind verkouden is;
  • uw kind in de afgelopen drie weken in contact is geweest met kinderziekten in het gezin, op school of in de omgeving.

Telefoonnummers:

  • Ambulant centrum (als uw kind voor een operatieve ingreep van de KNO-arts komt): 0413 - 40 36 09 of 40 36 10
  • Kinder- en Jongerenafdeling (voor overige operatieve ingrepen): 0413 - 40 34 79

Medicijnen

  • In de twee weken voor de operatie mag uw kind geen aspirine (bijvoorbeeld Ascal) gebruiken. Deze medicijnen verhogen namelijk de kans op een nabloeding. Als pijnstiller kunt u wel paracetamol gebruiken.
  • Wanneer uw kind astma of bronchitis heeft en hiervoor inhalatiemedicijnen gebruikt, moet u uw kind deze medicijnen ook op de operatiedag gewoon geven. Neem deze medicijnen ook mee naar het ziekenhuis!
  • Zorg dat u paracetamol voor uw kind in huis heeft. Dit is een goede pijnstiller voor na de operatie. Indien het nodig is naast paracetamol extra pijnmedicatie te geven aan uw kind, krijgt u hiervoor een recept mee van de anaesthesioloog tijdens het PPO-bezoek.

Inentingen

Een eventuele inenting van uw kind kunt u het beste uitstellen tot uw kind na de operatie weer is opgeknapt (laat uw kind minimaal één week na de operatie pas weer inenten). Dit vanwege de kans op koorts door de inenting. Als het uitstellen van de inenting niet haalbaar is, kan een BMR-inenting tot twee volle weken voor de operatie zonder problemen plaatsvinden. Alle andere inentingen zijn tot één week voor de operatie mogelijk.

Hoe bereidt u uw kind voor op de operatie?

Algemene adviezen

Een opname in het ziekenhuis en een operatie onder algehele verdoving (narcose) is veelal een ingrijpende gebeurtenis voor een kind, en soms ook voor de ouders. Vooraf is moeilijk te bepalen hoe kinderen op een verblijf in het ziekenhuis reageren. De opname is vooral voor jonge kinderen vaak moeilijk te verwerken. Door hun fantasie kunnen angsten ontstaan. Door een goede voorbereiding vooraf en goede begeleiding tijdens de opname zal uw kind de ingreep rustiger ondergaan en beter verwerken. Helaas geeft een goede voorbereiding nooit de garantie dat uw kind niet meer angstig is.

Hierbij enkele tips om uw kind voor te bereiden:

  • Het tijdstip waarop u met de voorbereiding kunt beginnen hangt o.a. af van de leeftijd. Bij kinderen tot vier jaar is het aan te bevelen dit een dag voor de opname te doen. Bij een ouder kind kunt u hiermee eerder beginnen.
  • Ervaringen leren dat ook een kind zich prettiger voelt als hij of zij weet wat er gaat gebeuren. Vertel de dingen eerlijk en duidelijk. Vertel vooral wat hij of zij zal zien, horen, voelen en ruiken maar praat ook over de minder leuke kanten; pijn, verdriet en honger. Alleen de dingen die het kind bewust meemaakt, zijn van belang te vertellen.
  • Kleine kinderen kunt u het beste spelenderwijs voorbereiden door bijvoorbeeld samen te tekenen, spelen, een platenboek te bekijken of de eigen tas in te pakken die u kind mee naar het ziekenhuis neemt. Download hier het Voorlees- en kleurboekje van Bernhoven!

Daarnaast biedt Bernhoven verschillende mogelijkheden om u en uw kind voor te bereiden:

  • U kunt op de website www.bernhoven.nl/kinderdagbehandeling, zelf lezen hoe een operatiedag bij kinderen globaal verloopt. 
  • Tijdens het wachten op de PPO-afdeling (spreekuur anaesthesist) kunt u een fotoboek inzien waarin u kunt zien hoe de operatiedag globaal verloopt. Deze fotoverhalen kunt u ook online bekijken: www.bernhoven.nl/kinderdagbehandeling.
  • U kunt op de Kinder- en Jongerenafdeling een voorlichtingstas voor een week lenen. De inhoud van de voorbereidingstas ondersteunt u bij de voorbereiding. In deze tas zitten materialen die bij de operatie gebruikt worden. Deze tas is geschikt voor kinderen van 2 t/m 6 jaar. Voor meer informatie neem telefonisch contact op met de pedagogische medewerker via 0413 - 40 34 95. 
  • Voor de operatie laat de verpleegkundige of de pedagogisch medewerker het slaapkapje zien en ruiken. Ze legt uit hoe het slaapkapje werkt en vraagt aan uw kind of hij/zij wil oefenen.

De opnamedag

Voorbereidingen thuis

Op het spreekuur PPO heeft u informatie en instructies gekregen over de opname en operatie. Beide ouders mogen de hele dag bij hun kind blijven, op de operatiekamer kan slechts één ouder mee. Volg hierbij onderstaande adviezen en instructies op voordat u met uw kind naar het ziekenhuis komt.

Hygiëne en veiligheid

In verband met hygiënische omstandigheden die in de operatiekamer verplicht zijn, is het belangrijk dat u:

  • eventuele sieraden van u en uw kind thuis laat,
  • uw kind thuis gebadderd of gedoucht heeft,
  • eventuele nagellak en make up bij uw kind verwijdert.

Nuchter

Kinderen die een algehele verdoving krijgen moeten nuchter komen. Dat wil zeggen dat zij vanaf een bepaald tijdstip voor de opname niet meer mogen eten of drinken (met de opnametijd wordt het tijdstip bedoeld waarop u zich meldt op de afdeling en dus niet het tijdstip van de operatie). Als uw kind kort voor de opname toch gegeten of gedronken heeft, kan geen narcose gegeven worden in verband met gevaar voor verslikken. De operatie moet dan uitgesteld worden.

Nuchter bij baby's van 0 t/m 5 maanden 

  • Uw kind mag tot 6 uur voor de OPNAME eten en drinken.
  • Uw kind mag tot 4 uur voor de OPNAME borstvoeding krijgen.
  • Uw kind mag tot 2 uur voor de OPNAME alleen nog water of ranja drinken (géén melkproducten, géén roosvicee en géén sinaasappelsap).

Nuchter bij kinderen van 6 maanden en ouder

  • Uw kind mag tot 6 uur voor de OPNAME eten en drinken.
  • Uw kind mag tot 2 uur voor de OPNAME alleen nog water, thee met suiker of ranja drinken (géén melkproducten, géén roosvicee, géén sinaasappelsap en géén koolzuurhoudende dranken).

Melden

Op de dag van opname melden u en uw kind zich op het afgesproken tijdstip of:

  • bij de balie van de Kinderdagbehandeling op het Ambulant centrum (alle operatieve ingrepen uitgevoerd door de KNO-arts) Routenummer 140 of 
  • op de Kinder- en jongerenafdeling (alle overige operatieve ingrepen). Routenummer 470.

De verpleegkundige brengt u en uw kind vervolgens naar de kamer.

Opname

De verpleegkundige neemt de gang van zaken met u door, stelt u nog een paar vragen over het nuchter zijn en het medicijngebruik van uw kind. Als u nog vragen heeft, kunt u deze ook stellen. De pedagogisch medewerker of verpleegkundige geeft nog korte informatie over de manier waarop uw kind de anesthesie (narcose) krijgt toegediend. Hierna trekt uw kind een schone pyjama, t-shirt of operatiehemd aan en krijgt uw kind een naambandje om.
De operatie kan pijnlijk zijn. Uw kind krijgt daarom al voor de operatie minimaal een paracetamol (zetpil, drankje, smelttablet of tablet) als pijnstilling om ervoor te zorgen dat uw kind na de operatie niet zoveel pijn heeft. In sommige gevallen krijgt uw kind nog meer aan pijnstilling voor de operatie. De anesthesioloog kan daarnaast ook een rustgevend medicijn voorschrijven.
De verpleegkundige en de pedagogisch medewerker brengen samen met u, na ongeveer een uur, uw kind naar de operatiekamer. De exacte tijd van de operatie is meestal moeilijk aan te geven. 
Eén van de ouders mag mee naar de operatiekamer. U krijgt speciale overkleding aan voordat u de operatiekamer binnen mag.

Bezoek

Op de dag van de behandeling is het niet goed om uw kind met veel bezoekers te confronteren. Hoe goed bedoeld ook. U mag daarom alleen als ouders/verzorgers met maximaal 2 personen aanwezig zijn. Deze dag dus verder geen bezoek, ook niet van broertjes en zusjes, uitgezonderd in de borstvoedingsperiode. Na overleg mag het kind wat borstvoeding nodig heeft wel meegenomen worden.

De operatie: hoe verloopt die?

Aanwezigheid ouder op operatiekamer

Eén van de ouders mag aanwezig zijn tijdens het in slaap brengen van het kind. Een accent op 'mag', u bent immers niet verplicht om mee te gaan. Als u niet meegaat, is er altijd begeleiding van het ziekenhuis aanwezig. Op de dag van de operatie hoeft u dit pas te beslissen. De pedagogisch medewerker of verpleegkundige informeert u dan over de praktische gang van zaken.
Een verpleegkundige brengt u en uw kind naar de operatie-afdeling. In de voorbereidingsruimte mag één van de ouders bij het kind blijven totdat hij of zij aan de beurt is. In deze ruimte zullen ook andere patiënten aanwezig zijn. Als u aanwezig bent bij het inleiden van de narcose krijgt u ter plekke verdere instructies. In de operatiekamer ziet u dat alle mensen operatiekleding aan hebben, een muts en soms een mondmasker dragen. Ook staat er de nodige apparatuur.

Als u aanwezig wilt zijn bij het in slaap brengen van uw kind, is het volgende belangrijk:

  • Op de operatie-afdeling mag u in verband met hygiënevoorschriften geen sieraden dragen (ook het meenemen van uw tas is niet mogelijk, laat waardevolle bezitingen zoveel mogelijk thuis).
  • De operatie afdeling is een steriele ruimte. Daarom krijgt u op de operatie-afdeling van ons een ‘overall’ aan (deze kunt u over uw eigen kleding aantrekken). 
  • Ga bij voorkeur niet met een lege maag naar de operatie-afdeling. De ervaring heeft geleerd dat door de spanning gecombineerd met een lege maag, de kans op flauwvallen groot is. 
  • Het is begrijpelijk dat u zich onzeker voelt of misschien bang bent. Laat dit echter niet aan uw kind merken, u bent degene waarop uw kind steunt en vertrouwt. 
  • Stel uw kind gerust, bijvoorbeeld door zacht tegen uw kind te praten of de arm/hand van uw kind vast te houden. 
  • Als uw kind tegenstribbelt, overtuig uw kind dan dat het echt even moet. 
  • De anesthesioloog kan u altijd verzoeken de operatiekamer te verlaten.

Uw kind wordt meestal liggend in slaap gebracht. Gemiddeld duurt dit ongeveer een minuut. Als uw kind in slaap valt, kunnen de volgende verschijnselen optreden:

  • wit wegtrekken 
  • tranende ogen 
  • scheel kijken of wegdraaien van de ogen 
  • knipperen van de oogleden 
  • ‘slap’ of juist onrustig worden
  • hoesten 
  • plotselinge schokbewegingen van de armen en/of benen

Hierover hoeft u zich geen zorgen te maken; dit zijn normale reacties!

Op het moment dat uw kind diep genoeg slaapt, vraagt de anesthesioloog u de operatiekamer te verlaten. De ogen van uw kind zijn soms nog open, terwijl uw kind toch in diepe slaap is.

De pedagogisch medewerker brengt u naar een ruimte waar u kunt wachten totdat de operatie klaar is. 
Bij kleine (korte) operaties wacht u op de gang net buiten de operatiekamer. Bij langdurige operaties kunt u op de afdeling wachten. De verpleegkundige wordt gebeld als u naar de uitslaapkamer mag komen. Vervolgens brengt de verpleegkundige u naar de uitslaapkamer.

Na de operatie

Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer en wordt daar langzaam wakker. Eén ouder/verzorger mag daarbij zijn zodra de situatie op de uitslaapkamer het toelaat.
Als uw kind goed wakker is mag hij of zij weer naar de afdeling. Op de afdeling verblijft uw kind nog enige tijd afhankelijk van de ingreep, ter observatie. Van de verpleegkundige hoort u wanneer uw kind weer mag eten, drinken of bijvoorbeeld uit bed mag. Meestal is uw kind door de verdoving nog wat slaperig en/of misselijk. De pijnklachten zijn over het algemeen gering. Het wondgebied kan na de operatie rood worden en wat opzwellen. Ook is een beetje bloedverlies mogelijk.

Weer naar huis

Voordat u met uw kind naar huis gaat, geeft de verpleegkundige uitleg over wat u thuis kunt doen om uw kind te helpen zo spoedig mogelijk te herstellen.

Wanneer?

Het tijdstip waarop uw kind weer naar huis mag, is afhankelijk van de soort ingreep. Als de behandeling naar wens is verlopen mag uw kind na enkele uren weer naar huis. Soms kan de behandeling tegenvallen. Uw kind wordt dan alsnog voor één of meerdere nachten opgenomen op de Kinder- en jongerenafdeling. Bij ontslag is, in verband met eventuele misselijkheid en kans op spugen van uw kind, het prettiger als u met eigen vervoer of taxi naar huis gaat en niet met het openbaar vervoer.

Pijnstilling

Afhankelijk van de operatie die uw kind ondergaat, krijgt u een recept mee met pijnstillers voor na de operatie. Wij verzoeken u dit medicijn tijdig bij uw apotheek op te halen. Zorg ook voor voldoende paracetamol in huis. Het is belangrijk dat u uw kind de pijnstilling op tijd geeft en niet wacht tot hij of zij pijn krijgt, dan loopt u namelijk achter de feiten aan en is het moeilijk om de pijn weer onder controle te krijgen. Wij geven u advies over de pijnstilling thuis (hoe lang pijnstilling toedienen en hoe kunt u het beste de pijnstilling afbouwen).

Pijn Telefoon Service

Bernhoven wil in een aantal gevallen (bij kinderen waarbij de keelamandelen verwijderd worden) graag op de hoogte blijven van het pijnniveau van uw kind en dit kan door middel van de (mobiele) telefoon. Op deze manier volgen wij de ernst van de pijn en kunnen we zo nodig adviezen geven om de pijn beter te behandelen. Veel pijn na een operatie is namelijk niet nodig en kan het herstel na een operatie belemmeren.

U wordt gebeld op het telefoonnummer wat op uw patiëntenpas staat. Als u op een ander nummer gebeld wilt worden, dan vragen wij u om het nummer aan te laten passen bij de patiëntenregistratie van het ziekenhuis.

Hoe werkt de Pijn Telefoon Service?

De Service start de dag na de operatie (= dag 1). Op dag 1 wordt u 2x gebeld, om 9.00u en om 19.00u. Op dag 3 wordt u 1x gebeld, om 14.00u. De telefoon wordt automatisch aangestuurd.

Een 'stem' vraagt u eerst een hekje te toetsen, daarna vraagt hij u om met de cijfertoetsen de mate van pijn aan te geven die uw kind voelt. U kunt daarbij kiezen uit een schaal van 0 t/m 10 waarbij 0 geldt voor geen pijn en 10 voor onhoudbare pijn. Als u de score heeft ingetoetst, wordt de verbinding verbroken.

Als het getal dat u heeft ingevoerd een te hoge score aangeeft, neemt een medewerker van het acute pijnteam (APS) contact met u op. Let bij het invoeren van de score goed op het juist inschatten van de pijn bij uw kind. Het eerste cijfer dat u intoetst kan niet worden hersteld.

Door uw medewerking kunnen we de pijnservice verbeteren en beter inspelen op mogelijke problemen. Wij danken u dan ook voor uw medewerking.

Als uw kind veel pijn heeft, moet u niet wachten tot u een telefoontje krijgt. Dan moet u bellen met Bernhoven Uden: 0413 - 40 40 40 en vragen naar de polikliniek van de KNO of buiten kantooruren met de Spoedeisende Hulp van Bernhoven Uden: 0413 - 40 10 00.

Controle

Indien nodig krijgt u een afspraak voor controle op de polikliniek of het telefoonnummer om een afspraak te maken.

Problemen thuis

Voor ontslag legt de verpleegkundige uit wat u moet doen bij problemen of complicaties. Bij complicaties binnen 24 uur na de operatie, kunt u het beste direct contact opnemen binnen kantooruren met de desbetreffende polikliniek. Buiten kantooruren kunt u de eerste 24 uur na de operatie contact opnemen met de afdeling Spoed Eisende Hulp (0413 - 40 10 00).

Heeft u vragen?

Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen over de gang van zaken, stel deze gerust op de dag van de behandeling. Specifieke informatie over de operatieve ingreep staat in een aparte folder beschreven. Bekijk op de website www.bernhoven.nl/folders of er een folder beschikbaar van is.

Ook kunt u bellen met desbetreffende afdeling:
• Ambulant Centrum op telefoonnummer: 0413 - 40 36 09 of 40 36 10
• Kinder- en jongerenafdeling op telefoonnummer: 0413 - 40 34 79

Kinderwebsite

Bernhoven heeft een eigen kinderwebsite: www.bernhovenkids.nl. Hier kunt u, maar ook uw kind(eren) kennis maken met het ziekenhuis. Zo kunt u zich samen voorbereiden op een bezoek aan Bernhoven.

Rechten en plichten bij medische behandelingen

Uw kind en u hebben in ons ziekenhuis rechten en plichten. Hieronder staat beschreven welke dat zijn.

Informatie

Kinderen en hun ouders hebben er recht op dat de zorgverleners begrijpelijke informatie geven over:

  • De ziekte of aandoening en de gevolgen daarvan; 
  • De onderzoeken en behandelingen; 
  • De mogelijke bijwerkingen en risico's van het onderzoek of de behandeling; 
  • Eventuele andere behandelmogelijkheden. Als de informatie niet duidelijk is, vraag dan gerust om nadere uitleg.

Toestemming

De arts mag een patiënt alleen onderzoeken en behandelen als deze patiënt daarvoor toestemming geeft. Voor kinderen jonger dan twaalf jaar is de toestemming van de ouders of wettelijke vertegenwoordigers noodzakelijk. Bij kinderen tussen de twaalf en zestien jaar is zowel toestemming van de ouders nodig als toestemming van het kind. Wanneer een kind tussen de twaalf en zestien jaar een andere mening heeft dan de ouders, dan geeft (na intensief overleg) de mening van het kind de doorslag. Kinderen vanaf zestien jaar worden als volwassen patiënt gezien, zij beslissen zelf.
Wanneer sprake is van een ingrijpende behandeling zal de zorgverlener uitdrukkelijk toestemming vragen. In acute situaties en situaties waarbij het nalaten van de behandeling ernstig nadeel voor het kind met zich meebrengt, mag zonder toestemming gehandeld worden. Wilt u meer weten over het geven van toestemming? Kijk dan op de website www.jadokterneedokter.nl

Privacy en inzage

In het ziekenhuis worden allerlei persoonlijke gegevens van uw kind vastgelegd in een dossier. U heeft recht op inzage in dit dossier. Alleen de zorgverleners die direct bij de behandeling van uw kind betrokken zijn, mogen deze gegevens inzien. In sommige gevallen worden gegevens gebruikt voor landelijke kwaliteitsprojecten. Als u hier bezwaar tegen heeft, kunt u dit kenbaar maken aan de behandelend specialist. In het privacyreglement van het ziekenhuis Bernhoven staat exact beschreven hoe ziekenhuismedewerkers moeten omgaan met persoonlijke gegevens. Dit reglement kunt u inzien bij PatiëntService (tel. 0413 - 40 29 00 / route 030).

Plichten

Als een behandeling of onderzoek in overleg met u (en uw kind) is afgesproken, wordt op uw medewerking gerekend. U bent daarnaast verplicht om de arts duidelijk en volledig te informeren, zodat deze een goede diagnose bij uw kind kan stellen en de juiste behandeling kan bieden.

Klachten

Bent u niet tevreden over behandeling of verblijf dan kunt u dit het beste zo snel mogelijk bespreekbaar maken met de arts of verpleegkundige. U kunt daarvoor ook hulp vragen bij PatiëntService of de klachtenfunctionaris van het ziekenhuis. In de folder `Klachten' leest u alles over klachtenbehandeling in Bernhoven.