Spring naar de content

Zenuwbehandeling bij aangezichtspijn

Uw behandelend arts heeft  voorgesteld om bij u een zenuwbehandeling uit te voeren in verband met aangezichtspijn. In deze folder leest u hoe deze behandeling in het Regionaal Pijn Centrum in Bernhoven verloopt en over andere zaken die hierbij van belang kunnen zijn.

Meer informatie over het Regionaal Pijn Centrum leest u op deze website.

Wat is aangezichtspijn of trigeminus neuralgie?

Aangezichtspijn kan verschillende oorzaken hebben. Bij aangezichtspijn, veroorzaakt door een aandoening van de drielingzenuw (nervus trigeminus), spreken we over trigeminusneuralgie. Hierbij ervaart de patiënt hevig pijnlijke, schietende, elektrische sensaties in het gebied van de aangezichtszenuw. Deze zenuw bestaat uit drie takken en daarom wordt deze zenuw in medische termen drielingzenuw (latijn: ‘nervus trigeminus’) genoemd. De drie zenuwtakken komen samen in een ganglion of zenuwknoop (ganglion van Gasser). De pijn kan optreden in de eerste tak (voorhoofd en oog), maar treedt meestal op in de tweede (bovenkaak en neus) en in de derde tak (onderkaak). Typisch voor een trigeminusneuralgie is dat de pijn optreedt na een prikkel die normaal niet pijnlijk is, zoals aanraking van de huid van het aangezicht, kauwen, tanden poetsen of een koude wind. Het is mogelijk dat de pijn maanden of jaren spontaan verdwijnt en dan plotseling weer terug komt. In de meeste gevallen wordt geen oorzaak gevonden voor trigeminus neuralgie.

 

Behandelingsmogelijkheden

Voordat een behandeling plaatsvindt, bent u meestal door een neuroloog onderzocht. Slechts in zeldzame gevallen vindt deze hierbij een oorzaak voor de trigeminus neuralgie. Er zijn echter aandoeningen die soortgelijke klachten kunnen geven, zoals aandoeningen van het gebit en de neusbijholten. Sommige patiënten hebben een bloedvatafwijking bij de zenuwknoop, waarbij een kronkelend bloedvat tegen het ganglion aan drukt. De zenuwknoop wordt hierdoor geprikkeld en geeft dan pijnsignalen door aan de hersenen. In zo’n situatie is een neurochirurgische operatie volgens Janetta de aangewezen behandeling, waarbij de kronkel in de slagader behandeld wordt en de aangezichtszenuw meer ruimte krijgt. Sinds enige jaren wordt in neurochirurgische behandelcentra ook een speciale vorm van heel gerichte bestraling van het ganglion toegepast om de aangezichtspijn te bestrijden. Als de diagnose trigeminus neuralgie is gesteld, dan worden meestal eerst medicijnen voorgeschreven. Vaak zijn dit medicijnen die ook gebruikt worden bij de behandeling van epilepsie. Deze medicijnen hebben de eigenschap om dempend te werken op de activiteit van zenuwcellen. Deze medicijnen dempen echter niet alleen de te grote prikkelbaarheid van de zenuwcellen in de kern van de aangezichtszenuw, maar ook van andere zenuwen. Dit kan leiden tot bijwerkingen als sufheid, duizeligheid of futloosheid. Soms kunnen leverfunctiestoornissen optreden.

Als medicijnen niet genoeg helpen, kan zenuwbehandeling bij aangezichtspijn een volgende stap zijn. De pijnspecialist zal de pijnklachten behandelen door een warmtebehandeling op de zenuwknoop toe te passen. Met behulp van röntgendoorlichting wordt een speciale naald via de wang ingebracht naar de zenuwknoop. Het ganglion wordt met radiofrequente stroom verwarmd; dit vermindert de afgifte van pijnprikkels en in veel gevallen treedt pijnvermindering op.

Hoe bereidt u zich voor?

Onderstaande voorbereidingen zijn belangrijk voor een goed verloop van de behandeling:

  • Voor deze behandeling moet u nuchter te zijn, omdat de behandeling gedeeltelijk onder narcose plaatsvindt.
  • Als u een stoornis van de bloedstolling heeft of bloedverdunnende medicijnen gebruikt,  moet u dit op voorhand melden, zodat er passende maatregelen genomen kunnen worden. Met enkele bloedverdunners, o.a. acenocoumarol, fenprocoumon en plavix, dient u enige dagen te stoppen in overleg met de anesthesioloog. Voorafgaand aan de behandeling wordt soms uw bloed (INR waarde) gecontroleerd. Als de stollingswaarde niet in orde is dan wordt de behandeling uitgesteld naar een andere datum.
  • Informeert u ons voor de behandeling over alle medicijnen die u gebruikt.
  • Als u zwanger bent of daar een vermoeden van heeft, overleg dan vooraf met de anesthesioloog of de behandeling kan doorgaan.
  • Als u overgevoelig of allergisch bent voor jodium, pleisters, contrast- of verdovingsvloeistof, moet u dit vóór de start van de behandeling melden.
  • Sieraden en geld kunt u het beste thuis laten in verband met verlies en/of diefstal.
  • Na de behandeling mag u dezelfde dag niet actief aan het verkeer deelnemen. Zorg ervoor dat u na de behandeling naar huis wordt gebracht door een begeleider.

Denk aan uw Actueel Medicijn Overzicht (AMO)

Het is voor ons belangrijk om te weten welke medicijnen u gebruikt. Daarom verzoeken wij u uw Actueel Medicatie Overzicht(AMO) mee te nemen naar het ziekenhuis.
U moet dit AMO ophalen bij uw eigen apotheek, zodat uw AMO daar nog met u besproken kan worden. Wanneer u uit het ziekenhuis wordt ontslagen krijgt u een nieuw AMO mee.
Als het nodig is, krijgt u daar een recept bij. We spreken dan over een AMO-R. Met dit AMO-R gaat u naar een apotheek. U krijgt dan uw nieuwe medicijnen mee.

Behandeling

Op afgesproken dag en tijdstip meldt u zich bij de balie van het ambulant centrum/dagbehandeling route 140. Op het ambulant centrum krijgt u operatiekleding aan. De operatiekleding is nodig voor de steriliteit in de behandelruimte op de operatieafdeling. De verpleegkundige brengt u vervolgens op een brancard naar de behandelruimte. De behandeling wordt uitgevoerd door de pijnspecialist.

Tijdens de behandeling ligt u op uw rug. U wordt aangesloten op registratieapparatuur voor hartritme en voor het zuurstofgehalte in het bloed. Vervolgens wordt een infuusnaald ingebracht. Omdat het inbrengen van de naald pijnlijk kan zijn, vindt de behandeling deels onder lichte narcose plaats. Met behulp van röntgenapparatuur wordt de plaats van behandeling in het gelaat bepaald. Met een viltstift wordt een markering op uw wang getekend en deze plaats wordt gedesinfecteerd. U krijgt een kortwerkend slaapmiddel ingespoten (soms geeft dit een branderig gevoel in de arm), waarna u in slaap valt. Via de wang wordt een naaldje onder röntgendoorlichting naar de zenuwknoop geprikt. Als de naald op de juiste plek zit, laat de arts u even wakker worden en wordt er een teststroompje door de naald gezonden. Door deze stroom wordt een prikkelend gevoel in het gelaat opgewekt; dit hoeft niet pijnlijk te zijn. De arts zal u vragen wanneer u dit stroompje voelt en waar u het stroompje voelt in uw gezicht. Op deze manier kunt u de arts helpen om de positie van de naald te contoleren. Vervolgens wordt u weer kortdurend in slaap gemaakt en wordt de naaldpunt door een radiofrequente stroom opgewarmd. De punt van de naald is voorzien van een sensor die meet hoe hoog de temperatuur in de zenuwknoop oploopt. Als u na enkele minuten weer wakker wordt, heeft de behandeling plaats gevonden. De arts controleert het effect van de behandeling door met een puntje van een paperclip of naald in het gelaat te prikken; daarmee wordt getest of het gevoel in het gebied van de aangezichtszenuw, waar de pijn zit, iets minder scherp aanvoelt. Zo nodig wordt de warmtebehandeling nogmaals toegepast. De gehele behandeling duurt ongeveer 25 tot 40 minuten. Na de behandeling wordt u ongeveer één uur bewaakt op de uitslaapkamer tot u geen last meer heeft van eventuele bijwerkingen zoals moeheid, duizeligheid of een slap gevoel. Inclusief de voorbereiding en de tijd na de behandeling bent u ongeveer twee uur in het ziekenhuis.

Na de behandeling

Het is belangrijk te weten, dat er na de behandeling napijn kan voorkomen, die soms brandend is, terwijl soms de oorspronkelijke trigeminus neuralgie pijnen nog één of twee weken blijven bestaan. U kunt hiervoor eventueel een pijnstiller innemen (bijvoorbeeld paracetamol volgens bijsluiter). Eventueel kunt u aan uw huisarts of behandelend arts een andere pijnstiller vragen.
Als u nog medicijnen gebruikt, kunt u die in overleg met uw arts langzaam afbouwen als de napijn verdwenen is.

Bijwerkingen

Het is niet altijd mogelijk het gevoel volledig intact te laten, omdat er een geringe zenuwbeschadiging in het ganglion van Gasser moet worden aangebracht. U kunt na de behandeling een licht verdoofd gevoel hebben in het deel van het gelaat waar vóór de behandeling de pijn zat. In de meeste gevallen verdwijnt dit dove gevoel in enkele maanden deels of helemaal. Dat betekent niet dat de pijn dan ook weer optreedt. Bij deze behandeling zullen geen verlammingen of scheve mond optreden.

Complicaties

Alhoewel de arts de behandeling zeer zorgvuldig uitvoert, bestaat er bij elke behandeling een zeer kleine kans op complicaties, dus ook bij deze zenuwbehandeling.
Uiterst zelden komen, bij het inbrengen van het naaldje via het wangslijmvlies, mondbacteriën in het hersenvocht terecht. Hierdoor kan er een hersenvliesontsteking optreden. Als dit het geval is, krijgt u binnen zes uur na de behandeling hoge koorts, hoofdpijn en nekstijfheid. U moet dan onmiddellijk uw arts te raadplegen. Er moet dan zo spoedig mogelijk begonnen worden met een behandeling met een antibioticum. Deze complicatie treedt zelden later dan zes uur na de behandeling op.
Het  is belangrijk om dan via het ziekenhuis contact op te nemen met de pijnspecialist. ‘s Avonds en in het weekend kunt u contact opnemen met de speodeisende hulp van het ziekenhuis.

Resultaten

In het algemeen wordt een goed resultaat bereikt. Het is echter mogelijk dat de behandeling te ‘voorzichtig’ uitgevoerd werd en er nog een keer iets intensiever moet worden behandeld. Dit kan zonder probleem binnen enkele weken gedaan worden. De pijnklachten kunnen binnen een half jaar tot tien jaar terugkomen, omdat de behandelde zenuw weer aangroeit. Als de pijn terugkeert, kan de behandeling zo nodig herhaald worden.

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, aarzel dan niet om deze te stellen aan uw behandelend arts. U kunt ook contact opnemen met het Regionaal Pijn Centrum, telefoonnummer: 0413 - 40 19 87.