Skip to Content

Halovest: behandeling, verzorgingstips en leefadviezen

In overleg met je behandelend arts heb je besloten om uw beschadigde nekwervels door middel van een halovest te laten fixeren. In deze folder vindt je informatie over de aanleiding voor de behandeling met het halovest en vindt je praktische tips voor de verzorging en omgang met het halovest.

Waarom krijg je een halovest?

Door een ziekte of een ongeval zijn je nekwervels beschadigd of gebroken. Om ervoor te zorgen dat deze goed genezen, krijg je een halovest. Het halovest houdt je hoofd en nek stevig op hun plaats. Zo voorkom je verdere schade aan je nekwervelkolom.

Een halovest bestaat uit:

  • een ring (halokroon) die met pennen aan je schedel wordt bevestigd;
  • een kunststof vest met een zachte binnenkant;
  • vier stangen die de ring met het vest verbinden.

Het aanleggen van het halovest

Een gipsverbandmeester meet het halovest aan.

Tijdens het aanleggen draai je van je rug naar je zij of buik, zodat het vest goed kan worden geplaatst. Daarna worden de stangen aan de haloring vastgemaakt.

Na het aanleggen maken we een röntgenfoto. Zo controleren we of je nekwervels goed staan. Als dat nodig is, passen we de stand nog aan. Dat kan een vervelend gevoel geven, maar doet meestal geen pijn.

Door de spanning op je nekspieren kun je na het aanleggen wel pijn hebben. Hiervoor kun je paracetamol gebruiken volgens de bijsluiter of het advies van je arts.

Bewegen

Als je arts toestemming geeft, mag je weer voorzichtig uit bed komen. De fysiotherapeut helpt je hierbij.

Gebruik geen papegaai (de triangel boven het bed). Door hieraan te trekken komt er te veel kracht op de pennen van het halovest. Hierdoor kunnen ze losraken.

Verzorging thuis

Verzorging van de pennen

Tijdens je opname verzorgt de verpleegkundige iedere dag de insteekplaatsen van de pennen.

Voordat je naar huis gaat, krijgt je partner of mantelzorger uitleg over deze verzorging.

Maak de huid rondom de pennen schoon met kraanwater.

Verwijder korstjes minstens twee keer per week met een nat wattenstaafje of een vochtig gaasje.

Belangrijk

Gebruik geen zalf of ontsmettingsmiddel op de insteekplaatsen, tenzij je arts dit heeft voorgeschreven.

Neem contact op met de gipskamer als:

  • de huid rood of gezwollen wordt;
  • er pus uit de insteekplaatsen komt.

Heb je een afspraak op de gipskamer? Maak de insteekplaatsen die dag niet schoon. Zo kan de gipsverbandmeester ze goed beoordelen.

Verzorging van het vest

Het halovest moet goed blijven zitten.

Maak het vest nooit zelf losser of strakker en verwijder het niet zelf.

Heb je thuis klachten of zit het vest niet prettig? Neem dan contact op met de gipskamer.

Houd het vest droog. Wordt het toch nat? Verwijder dan nooit de bekleding. Dep het vest droog met handdoeken of gebruik een föhn op de koude stand.

Wassen

Je kunt niet douchen zolang je een halovest draagt.

Gebruik ook geen natte doek onder het vest.

Bij veel zweten kun je de huid voorzichtig schoonmaken met een doekje met een 30% alcoholoplossing. Trek daarna een droge handdoek voorzichtig onder het vest door om de huid te drogen.

Gebruik geen zeep, bodylotion of poeder onder het vest. Dit kan de huid irriteren.

Heb je een lig- of zitbad? Dan kun je de rest van je lichaam wassen in een klein laagje water. Bescherm het vest goed met plastic en gebruik antislipmatten om uitglijden te voorkomen.

Probeer niet onder het vest te krabben. Gebruik hiervoor nooit scherpe voorwerpen.

Vraag zorgverleners voorzichtig te zijn bij de verzorging. Stoten tegen de pennen kan erg pijnlijk zijn.

Haren wassen

Bescherm je schouders met plastic zodat het vest droog blijft.

Je kunt je haren wassen door:

  • naast het bad te knielen en je hoofd boven het bad te houden;
  • voorover te buigen boven een wastafel.

Gebruik geen haarverf, haarspray of conditioner. Deze kunnen de insteekplaatsen irriteren of een infectie veroorzaken.

Kleding

Kies ruime kleding die gemakkelijk over het halovest past.

Geschikte kleding is bijvoorbeeld:

  • truien of T-shirts met een V-hals;
  • kleding die je kunt openen met klittenband;
  • een ruime jas of cape.

Draag stevige schoenen met een rubberen zool. Draag geen hoge hakken of schoenen met gladde zolen.

Lopen

Met een halovest kun je lopen en de meeste dagelijkse activiteiten uitvoeren.

In het begin moet je wennen aan het extra gewicht. Daardoor kun je sneller ergens tegenaan lopen of je hoofd stoten.

Let extra goed op:

  • deurposten;
  • lage doorgangen;
  • voorwerpen op de vloer.

Vervoer

Je mag niet zelf autorijden zolang je een halovest draagt.

Als passagier reis je het prettigst met de auto. Stap eerst op de stoel en draai daarna je benen naar binnen. Bij het uitstappen doe je dit andersom.

Reizen met de trein, bus of metro geeft meer kans op stoten. Reis daarom bij voorkeur buiten de spits.

Seksualiteit

Een halovest hoeft geen belemmering te zijn voor intimiteit, tenzij je arts iets anders adviseert.

Houd wel rekening met de pennen en stangen. Zoek samen een houding die prettig en veilig is.

Slapen

In het begin kan slapen lastiger zijn. Het halovest is zwaar en het kost tijd om een comfortabele houding te vinden.

Deze tips kunnen helpen:

  • draai eerst op je zij voordat je uit bed komt;
  • laat daarna je benen over de rand van het bed zakken;
  • duw jezelf rustig omhoog;
  • slaap op je rug met twee kussens;
  • leg eventueel een opgerolde handdoek onder je nek.

Na verloop van tijd raak je meestal gewend aan het halovest.

Voeding

Door je veranderde leefpatroon kun je afvallen of aankomen.

Merk je dat het vest daardoor losser of juist strakker zit? Neem dan contact op met de gipskamer.

Werken

Of je kunt werken hangt af van je werkzaamheden.

Zwaar lichamelijk werk is meestal niet mogelijk.

Bespreek samen met je bedrijfsarts wanneer en hoe je weer kunt beginnen met werken.

Wanneer neem je contact op?

Neem direct contact op met de gipskamer als je:

  • koorts krijgt;
  • nekpijn hebt of de pijn toeneemt;
  • problemen hebt met slikken;
  • tintelingen in je armen of benen krijgt;
  • minder kracht in je armen of benen hebt;
  • voelt dat een pen los zit of iets hoort knappen;
  • zwellingen krijgt;
  • wondjes of huidproblemen onder het vest hebt.

Verwijderen van het halovest

Na ongeveer drie maanden wordt het halovest verwijderd.

De gipsverbandmeester maakt eerst het vest los en verwijdert daarna de pennen.

Na het verwijderen voelt je nek vaak stijf en slap aan. Daarom draag je tijdelijk een nekkraag.

Je krijgt ook uitleg over de verzorging van de wondjes. Je arts vertelt wanneer je weer mag sporten en andere activiteiten kunt oppakken.

Contact

Heb je vragen? Neem dan contact op met de gipskamer.

Gipskamer
0413 - 40 27 30
Bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur.

Buiten kantooruren
Bel de receptie van Bernhoven: 0413 - 40 40 40.