Spring naar de content

Informatie over de suprapubische katheter

Wat is een katheter?

Een katheter is een holle, soepele buis waarmee urine uit de blaas wordt afgevoerd.
Aan het uiteinde van de katheter zit een ballonnetje. Om te voorkomen dat de katheter uit de blaas valt wordt het ballonnetje gevuld met water.
De urine in de blaas wordt afgevoerd naar een opvangzak die gedragen wordt op uw been. In overleg met uw arts kan er eventueel de keuze gemaakt worden om gebruik te maken van een katheterventiel. (zie folder katheterventiel)

Deze folder informeert u over het gebruik van de suprapubische katheter. Blijf niet met vragen zitten. Ook als u na het lezen van de folder nog vragen heeft, stel deze dan gerust aan de verpleegkundige. Zij helpt u graag.

Wat is een suprapubische katheter?

Een suprapubische katheter is een katheter die via een kleine incisie (sneetje) via de buikwand, net boven het schaambeen in de blaas wordt gebracht. Voor deze ingreep is het meestal noodzakelijk dat u voor een dag wordt opgenomen in het ziekenhuis. De suprapubische katheter wordt door een arts geplaatst.

Waarom een ​​suprapubische katheter?

Er zijn verschillende redenen waarom een ​​suprapubische katheter geschikter is dan een katheter via de plasbuis. Het is aangenamer en is gemakkelijker te verzorgen. Wanneer u seksueel actief bent, is een suprapubische katheter gemakkelijker met vrijen. De uroloog heeft met u besproken waarom u een suprapubische katheter krijgt.

Suprapubische katheter vervangen

Een suprapubische katheter wordt meestal om de 8 weken vervangen. Soms zijn er redenen om de katheter eerder te vervangen. De eerste keer wordt de katheter in het ziekenhuis vervangen. Nadien kan de huisarts of de wijkverpleegkundige van de thuiszorg dit doen.

Verzorgen van de suprapubische katheter

Een suprapubische katheter geeft meestal geen problemen.
Om de kans op infecties te verkleinen kunt u de volgende eenvoudige regels toepassen:

  • Was dagelijks de huid, rondom de insteekopening waar de katheter is ingebracht, met water.
  • Droog u zorgvuldig af.
  • Gebruik nooit talkpoeder of crème.
  • Was de handen vóór en na het loskoppelen of vervangen van een opvangzak en ook na elke stoelgang.
  • Probeer elke dag een douche te nemen (hierbij kunt u uw beenzak aanhouden).
  • Rondom de insteekopening hoeft alleen een gaasje aangebracht te worden als er wat afscheiding uit de insteekopening komt.
  • De insteekopening rondom de katheter kan rood en soms gezwollen zijn. Dit is normaal en is meestal geen ontsteking.

Drink veel!

Voor een goede afvoer van de urine via de katheter is het belangrijk om voldoende te drinken. Het advies is om 1,5 tot 2 liter vocht te gebruiken tenzij u een vochtbeperking heeft.

Eet verstandig

Normale voeding volstaat. Probeer vezelrijke voeding te eten zoals: vers fruit, groente en volkorenbrood om hardlijvigheid te voorkomen.

Beweging

Wandelen of een andere vorm van regelmatige dagelijkse beweging bevordert de werking van de darmen. Let op: een volle darm kan de afvoer van de urine moeilijken.

Kan ik nog seksueel actief zijn?

Met een suprapubische katheter kunt u nog seksueel actief zijn. Dit hoeft dus geen probleem te zijn. De katheter kan op uw buik vast geplakt worden. Indien uw katheter u hindert tijdens het vrijen, kunt u dit bespreekbaar maken met uw arts of verpleegkundige.

Urinelekkage

  • Af en toe kan er urine lekken via de penis. Waarschijnlijk heeft u dan last van blaaskrampen.
  • Ga steeds na of er geen knik in de katheter zit en of deze niet verstopt is (als dit het geval is bevat de opvangzak geen urine).
  • Zorg ervoor dat de slang tussen de katheter en de opvangzak goed zit.
  • Let erop dat de opvangzak zich lager dan uw blaas bevindt.
  • Als er urine via de insteekopening lekt, neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige.

Soorten opvangzakken

U heeft twee soorten zakken nodig: een beenzak en een nachtzak.

De beenzak draagt u overdag onder uw kleding. Voor de nacht koppelt u de nachtzak (met een grotere inhoud) aan uw beenzak. Zo wordt alle urine uit de blaas opgevangen, zonder dat u op hoeft te staan om de opvangzak leeg te maken. De katheter en de beenzak vormen een gesloten afvoersysteem. Dit gesloten systeem voorkomt dat bacteriën in de katheter of in de beenzak terechtkomen. Hierdoor vermindert u de kans op infecties. De beenzak mag alleen van de katheter losgekoppeld worden als u deze wilt vervangen. Het behoud van dit gesloten systeem is belangrijk.

Beenzak

Dragen van een beenzak

De beenzak wordt bevestigd aan uw boven- of onderbeen met behulp van een bevestigingskous of met beenbandjes.

U vermijdt hiermee het afzakken van uw beenzak als deze zich vult met urine. Beenzakken zijn beschikbaar in drie verschillende inhoudsmaten: 350ml, 500ml, 750ml.

Aan de beenzak zit een verbindingsslang die u kunt vast koppelen aan de katheter. De verbindingsslang kan eventueel ingekort worden.

Fixeren(vastzetten) van de katheter

Het is belangrijk dat de katheter goed op zijn plaats blijft zitten om trekkracht op de katheter te voorkomen.

Daarvoor maakt u gebruik van een speciale band (zie foto).

  • Band aanbrengen op het bovenbeen
  • Katheter m.b.v. klittenband vastzetten.
  • Gebruik hiervoor het y vormige gedeelte van de katheter

Legen van de beenzak

Naarmate de beenzak zich vult wordt deze zwaarder en voelt u de zak trekken. Wacht niet met het leegmaken van de beenzak tot die volledig vol is.

De beenzak leegt u op de volgende wijze:

  • Was de handen voor en na het legen en droog deze zorgvuldig.
  • Open het aftappunt.
  • Laat de urine in het toilet of in een opvangkan aflopen.
  • Sluit de aftappunt.
  • Maak het flexibele slangetje schoon met lauw water.

Verwisselen van de beenzak

  • De beenzak moet elke zeven dagen verwisseld worden.
  • Was de handen voor en na de wisseling en droog deze zorgvuldig.
  • Open de verpakking en haal de beenzak eruit.
  • Knip de verbindingsslang van de beenzak eventueel op de gewenste lengte.
  • Bevestig het bijgeleverde koppelstukje aan de slang.
  • Bevestig de beenbandjes door de openingen van de beenzak indien u deze gebruikt in plaats van een bevestigingskous.
  • De non-woven kant, de antisliplaag, komt op het been.
  • Verwijder de beschermdop van het koppelstukje. Gebruik de beschermdop om de gebruikte beenzak af te sluiten.
  • Pak met een hand de katheter vast en knik deze tussen duim en vinger, zodat er geen urine uit kan lopen.
  • Pak met de andere hand de schone beenzak en sluit deze aan op de katheter.
  • Bevestig de beenzak op het been d.m.v. de beenbandjes met knoopsluiting.
  • Gooi de gebruikte beenzak in een daarvoor bestemde afvalbak.

Nachtzak

Doorkoppelen van beenzak naar nachtzak

  • Was de handen voor en na het aansluiten en droog deze zorgvuldig.
  • Leeg de beenzak, maar laat een beetje urine achter in de zak om vacuüm te voorkomen.
  • Verwijder het beschermdopje en duw het koppelstukje van de slang van de nachtzak aan het aftappunt van uw beenzak.
  • Zet het aftappunt van uw beenzak open wanneer deze is aangesloten op de nachtzak.
  • Het aftappunt van de nachtzak moet gesloten zijn.
  • Hang de nachtzak aan de haakjes van de bedhanger of leg de nachtzak eventueel in een emmer naast uw bed.

Plaats de opvangzakken onder het niveau van de blaas!!!

Ontkoppelen van de nachtzak

  • Sluit het aftappunt van de beenzak, voordat u de nachtzak afkoppelt.
  • Koppel de nachtzak af van de beenzak
  • Verwijder de nachtzak van de bedhanger of uit de emmer

Het legen van de nachtzak

  • Was de handen voor en na het legen en droog deze zorgvuldig.
  • Open het aftappunt aan de onderkant van de nachtzak.
  • Laat de urine in het toilet of opvangkan aflopen.
  • Sluit het aftappunt.
  • De gebruikte nachtzak kan weggegooid worden in een daarvoor bestemde afvalbak.

Wat te doen bij problemen?

In onderstaande situaties is het verstandig contact op te nemen met de polikliniek Urologie of de thuiszorg:

  • De katheter is eruit gevallen. Dit is een spoedgeval aangezien de katheter zo snel mogelijk opnieuw ingebracht moet worden, bij voorkeur binnen 2 uur.
  • U voelt zich onwel en heeft pijn, koorts en buikpijn.
  • Als er gedurende 2 tot 3 uur geen urinelozing is.
  • Als er een bloeding is (bij het vervangen van de katheter is licht bloedverlies normaal rond de insteekopening).

Belangrijk!

  • Controleer of de urine zonder problemen kan aflopen.
  • Zorg dat u een reservekatheter in huis heeft als de katheterwissels gedaan worden door uw huisarts of de thuiszorg.

Heeft u vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen dan kunt u op werkdagen contact opnemen met de polikliniek Urologie op

  • telefoonnummer  0413 - 40 19 68

Buiten kantooruren kunt u bij vragen of problemen contact opnemen met de receptie van Ziekenhuis Bernhoven op

  • telefoonnummer 0413 - 40 40 40