Skip to Content

Galwegdrainage

In deze folder lees je hoe een galwegdrainage meestal verloopt. De radioloog kan kiezen voor een andere aanpak als dat beter past bij jouw situatie.

Ook de risico’s en bijwerkingen staan algemeen beschreven. De behandeling wordt uitgevoerd door een radioloog en een radiologisch laborant. Een radioloog is een arts die gespecialiseerd is in onderzoek en behandeling met beeldvormende technieken.

Waarom krijg je een galwegdrainage?

Je krijgt een galwegdrainage als gal niet goed vanuit de galwegen naar de dunne darm kan stromen.

Dit komt meestal door een verstopping. Bijvoorbeeld door:

  • een galsteen
  • druk van buitenaf op de galwegen

Als gal niet goed kan wegstromen, kun je geelzucht krijgen. Je huid en het wit van je ogen worden dan geel.

Om de gal toch af te voeren, brengt de radioloog via de huid een slangetje in de galwegen. Dit slangetje noemen we een drain.

Krijg je diepe sedatie?

De behandeling gebeurt terwijl je diep slaapt. Dit noemen we diepe sedatie. Hierdoor voel je niets van de behandeling. Lees meer informatie over diepe sedatie in deze folder.

Zijn er risico’s en complicaties?

Tijdens de behandeling worden röntgenfoto’s gemaakt. Hierbij komt een kleine hoeveelheid röntgenstraling vrij.

De hoeveelheid straling is zo laag dat de kans op schadelijke gevolgen heel klein is. Dit geldt ook als je meerdere onderzoeken hebt gehad.

Het contrastmiddel dat we gebruiken, komt niet in je bloedbaan. Daarom verwachten we hierbij geen complicaties.

Een uitwendige galwegdrainage is een veilige behandeling. Toch kunnen er, zoals bij iedere behandeling, complicaties ontstaan.

Mogelijke complicaties zijn:

  • een infectie van de galwegen of galblaas
  • een ernstige infectie in het bloed, ook wel sepsis genoemd
  • een bloeding op de plaats waar de huid is aangeprikt
  • een blauwe plek op de plaats van de prik
  • een inwendige bloeding
  • lekkage van gal, waardoor een buikvliesontsteking kan ontstaan
  • het niet kunnen plaatsen van de drain in de galwegen of afvoergang

Een infectie van de galwegen of galblaas kan ontstaan door het inspuiten van contrastmiddel terwijl de gal slecht weg kan stromen. Als de afvoer niet hersteld kan worden, kan er een infectie ontstaan.

Heb je vragen over de risico’s? Bespreek deze dan met je behandelend arts.

Kun je allergisch reageren op contrastmiddel?

Het contrastmiddel kan een allergische reactie veroorzaken.

Behoor je tot een risicogroep? Dan kunnen extra maatregelen nodig zijn voor het onderzoek. De arts die het onderzoek aanvraagt, bespreekt dit met je.

Lees hierover meer in de via de folders 'allergische reactie bij contrastonderzoeken voorkomen' en/of 'Contrastmiddel en extra voorzorgsmaatregelen’.

Hoe bereid je je voor?

Ben je zwanger?

Ben je zwanger of denk je dat je zwanger bent? Neem dan contact op met je behandelend arts.

Vertel dit ook vooraf aan de afdeling Radiologie.

Moet je nuchter zijn?

Vanaf zes uur voor het onderzoek moet je nuchter blijven. Dit is nodig voor de diepe sedatie.

Dat betekent dat je niet meer mag:

  • eten
  • drinken
  • roken

Gebruik je bloedverdunners?

Gebruik je bloedverdunnende medicijnen? Dan heeft de arts die het onderzoek heeft aangevraagd verteld of en wanneer je hiermee moet stoppen.

Is dit niet duidelijk? Neem dan contact op met deze arts.

Ben je bekend bij de trombosedienst? Vertel dan aan je arts wanneer het onderzoek plaatsvindt.

Heb je vragen over je medicijnen? Neem dan contact op met de arts die het onderzoek heeft aangevraagd.

Waar word je opgenomen?

Voor dit onderzoek of deze behandeling word je opgenomen op het Ambulant Centrum of de Dagbehandeling.

Ongeveer één week voor de opname krijg je bericht van de Opnameplanning. In dit bericht staat:

  • op welke datum je wordt verwacht
  • hoe laat je wordt verwacht
  • waar je je moet melden

Zijn vooraf extra onderzoeken nodig?

Soms zijn vóór de behandeling extra onderzoeken nodig.

De assistent van je behandelend specialist vertelt je:

  • welke onderzoeken nodig zijn
  • waar deze plaatsvinden
  • wanneer deze plaatsvinden

Wat gebeurt er op de afdeling?

Meld je op de afgesproken dag en tijd bij de balie van het Ambulant Centrum of de Dagbehandeling.

De verpleegkundige bespreekt de behandeling nog een keer met je.

Je krijgt een infuus. Als dat nodig is, krijg je medicijnen om je te helpen ontspannen.

Tijdens de behandeling draag je speciale kleding van Bernhoven. Dit is nodig voor de hygiëne.

Hoe verloopt de behandeling?

Als je aan de beurt bent, brengt de verpleegkundige je naar de onderzoeksruimte van de afdeling Radiologie.

Je gaat op je rug op de onderzoekstafel liggen.

De radioloog bepaalt met een echo waar de drain wordt ingebracht. Bij een echo worden organen en weefsels zichtbaar gemaakt met geluidsgolven. Dit onderzoek doet geen pijn.

Tijdens de behandeling controleren we je hartslag en ademhaling. Hiervoor sluiten we je aan op bewakingsapparatuur.

De sedatiepraktijkspecialisten van de afdeling Anesthesiologie controleren de sedatie en de pijnbestrijding.

Hoe plaatst de radioloog de drain?

Als de juiste plaats is bepaald, dekken we je af met steriele doeken. Dit helpt om een infectie te voorkomen.

De radioloog prikt met een dunne naald via de huid een galweg aan. Daarna spuit de radioloog contrastmiddel in. Hierdoor zijn de galwegen zichtbaar op de röntgenbeelden.

Via de naald brengt de radioloog een draad in. Over deze draad schuift de radioloog de drain op zijn plaats.

De radioloog probeert de drain zo te plaatsen dat deze vanuit de galwegen naar de dunne darm loopt. De gal kan dan weer via de normale weg worden afgevoerd.

Lukt dit niet? Dan blijft de drain in de galwegen liggen en loopt de gal via de drain naar buiten. De drain komt dan via de buikwand naar buiten. De gal wordt opgevangen in een zak.

Soms probeert de radioloog na enkele dagen opnieuw om de drain naar de dunne darm te plaatsen. Je behandelend arts beslist of dit nodig is.

De behandeling kan later opnieuw nodig zijn. Bijvoorbeeld als de drain verstopt raakt of niet meer goed op zijn plaats ligt.

Hoelang duurt de behandeling?

De duur van de behandeling hangt af van jouw situatie.

Het plaatsen van de drain duurt meestal één tot twee uur. Als het moeilijk is om de drain te plaatsen, kan de behandeling langer duren.

Wat gebeurt er na de behandeling?

Na de behandeling ga je naar de uitslaapkamer. Daar kun je rustig wakker worden en bijkomen.

Daarna ga je terug naar de verpleegafdeling, het Ambulant Centrum of de Dagbehandeling.

Ben je voor de behandeling gestopt met bepaalde medicijnen? Dan bepaalt je behandelend arts wanneer je hiermee weer mag beginnen.

Je behandelend arts bepaalt ook hoelang je opgenomen blijft.

Mag je dezelfde dag naar huis? Zorg er dan voor dat iemand je komt ophalen. Dit is nodig vanwege de medicijnen die je hebt gekregen.

De verpleegkundige legt uit hoe je thuis met de drain moet omgaan.

Wanneer waarschuw je de verpleegkundige?

Waarschuw de verpleegkundige als je in de eerste uren na de behandeling klachten krijgt, zoals:

  • plotselinge buikpijn
  • een klam of zweterig gevoel
  • je erg slap voelen

Wanneer krijg je de uitslag?

De radioloog stuurt een verslag naar je behandelend arts.

Je behandelend arts bespreekt de uitslag met je. Hiervoor krijg je een afspraak.

Je kunt het verslag ook bekijken in MijnBernhoven.

Meer informatie vind je op de pagina over het patiëntenportaal MijnBernhoven.

Heb je nog vragen?

Heb je na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de afdeling Radiologie.

Radiologie
Telefoonnummer: 0413 - 40 19 62
Bereikbaar tijdens kantooruren

Receptie Bernhoven
Telefoonnummer: 0413 - 40 40 40
Bereikbaar buiten kantooruren