Spring naar de content

Pacemaker

Een pacemaker is een klein elektronisch apparaat. De pacemaker stimuleert het hart door regelmatig een elektrisch stroomstootje af te geven. U voelt daar verder niets van.
De pacemaker bestaat uit een batterij en elektronica. Deze zijn ingebouwd in een behuizing van titanium. Dit metaal wordt goed verdragen door het lichaam. Daarnaast  zijn er een of twee, soms zelfs drie, pacemakerdraden. Die zorgen ervoor dat het stroomstootje in het hart terechtkomt. De batterij zorgt ervoor dat de pacemaker jarenlang zijn werk kan doen. Via het uiteinde van de pacemakerdraad (elektrode), geeft de pacemaker de stroomimpuls aan het hart af. De elektronica van de pacemaker kunt u vergelijken met een hele kleine computer. De levensduur van de pacemaker ligt tussen de vijf en acht jaar. Dit is mede afhankelijk van de instellingen van de pacemaker en hoe vaak de pacemaker moet werken.

Waarom een pacemaker?

Bij een trage hartslag of vermindering van de pompfunctie van uw hart, kan uw cardioloog besluiten u een pacemaker te gegeven. De pacemaker helpt uw hart bij het handhaven van een zo normaal mogelijk hartritme.

Hoe bereidt u zich voor?

Als u een bloedverdunner gebruikt zoals acenocoumarol of fenprocoumon, krijgt u van uw cardioloog het advies om dit te melden bij de trombosedienst zodat uw INR waarde op de dag van de ingreep niet hoger dan 2,5 is. De medicijnen die u gebruikt, blijft u innemen. Ook als u diabetes heeft, kunt u gewoon uw medicatie gebruiken, en eten volgens uw dieet, tenzij de arts anders voorschrijft. Vergeet niet uw plastabletten in te nemen als u deze gebruikt!  U mag normaal ontbijten of lunchen op de dag van de ingreep.Heeft u vragen, stel deze dan aan de behandelend arts of verpleegkundige. 

Het exate tijdstip van het onderzoek kan u nog niet worden verteld, omdat het regelmatig gebeurt dat de planning moet worden aangepast of dat er iemand met spoed tussenkomt. Wel wordt geprobeerd u te helpen op het afgesproken dagdeel.

Opname in het ziekenhuis

Het inbrengen van een pacemaker is een ingreep, die ongeveer twee uur duurt. De ingreep vindt plaats op de hartkatheterisatiekamer, meestal onder plaatselijke verdoving.

In principe is het de bedoeling dat u enkele uren na de ingreep naar huis gaat. Toch adviseren we u om nachtkleding en toiletspullen meenemen, voor het geval u na de ingreep toch een aantal uren of soms een nacht opgenomen blijft.

Denk aan uw Actueel Medicijn Overzicht (AMO)

Het is voor ons belangrijk om te weten welke medicijnen u gebruikt. Daarom verzoeken wij u uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO) mee te nemen naar het ziekenhuis. U moet dit AMO ophalen bij uw eigen apotheek, zodat uw AMO daar nog met u besproken kan worden. Bij ieder bezoek aan het ziekenhuis is een nieuw AMO nodig, ook als u nog maar kort geleden al in het ziekenhuis was. Want ook in korte tijd kan er toch iets in uw medicatie zijn veranderd. Zeker wanneer u met meerdere behandelaars te maken heeft. Het AMO is belangrijk voor uw veiligheid. Bijvoorbeeld om dubbelmedicatie te voorkomen. In sommige gevallen mogen medicijnen niet met elkaar worden gecombineerd. Het is belangrijk dat de arts een actueel overzicht heeft van de medicijnen die u gebruikt. Natuurlijk kan het ook gebeuren dat uw arts in het ziekenhuis niet naar uw AMO vraagt. Bijvoorbeeld omdat de medicatie niet veranderd. Maar dat weet u niet van tevoren. Daarom is een AMO bij ieder bezoek aan het ziekenhuis belangrijk. Wanneer u uit het ziekenhuis wordt ontslagen krijgt u een nieuw AMO mee, Als het nodig is, krijgt u daar een recept bij. We spreken dan over een AMO-R. Met dit AMO-R gaat u naar uw apotheek.

Voor uw apotheek is het ook belangrijk te weten welke medicatie gewijzigd is, ook wanneer de medicatie gestopt is.

Het plaatsen van de pacemaker

Tijdens de implantatie kunt u gewoon praten en kunt u altijd aangeven hoe u zich voelt. U krijgt voor de ingreep een infuusnaaldje en éénmalig antibiotica toegediend.
Op de plaats waar de pacemaker moet komen onder het linker- of rechtersleutelbeen, wordt  een snee van 5 tot 10 centimeter gemaakt. Via een ader onder het sleutelbeen worden dan één of twee, soms zelfs drie pacemakerdraden (elektrodes) naar het hart gevoerd en geplaatst onder röntgendoorlichting. Daarna wordt er een holte (pocket) voor de pacemaker net onder de huid  gemaakt  Soms wordt de pacemaker dieper in de borstkas onder de borstspier geplaatst. De elektrodes worden aangesloten op de pacemaker en de wond wordt weer gesloten  met oplosbare hechtingen. De huid wordt afgedekt met een laagje huidlijm.
De pacemakertechnicus stelt de pacemaker in en u  mag terug naar de afdeling. Vervolgens wordt ter controle een röntgenfoto van uw hart en longen gemaakt. Ook ontvangt u dan een pacemakerpasje en de afspraakkaartje voor wondcontrole na een week.

Complicaties die tijdens of na het plaatsen van de pacemaker kunnen optreden

  • Een bloeduitstorting. Wanneer bij het insnijden van de huid een bloedvaatje wordt geraakt, ontstaat op die plek een bloeduitstorting. Meestal verdwijnt deze na een aantal dagen vanzelf.
  • Soms treedt er een infectie van de wond op. Een dergelijke infectie wordt over het algemeen bestreden met antibiotica.
  • Een zeldzame complicatie is een klaplong. Een klaplong ontstaat wanneer bij het aanprikken van de ader (waardoor de pacemakerdraad(en) worden ingebracht) per ongeluk het longvlies wordt doorgeprikt. Het vacuüm in de long verdwijnt dan en de long klapt in. Een klaplong is goed te behandelen.
  • Heel soms wordt bij het inbrengen van de pacemakerdraad (en) door de hartkamerwand heen geprikt. Er komt dan bloed in het hartzakje, waardoor de bloeddruk gaat dalen. Deze complicatie wordt tamponade genoemd en is goed te behandelen.

Richtlijnen na pacemaker implantatie

Voor een spoedig herstel raden we u aan de hierna volgende leefregels in acht te nemen.

De eerste week

  • Verwijder de grote pleister na 1 dag. Indien de zwaluwstaartjes gebruikt zijn pleister na 3 dagen verwijderen.
  • Bij pijn zo nodig paracetamol.
  • Douchen is toegestaan, indien de wond nat is geworden, droogdeppen met een schone handdoek.
  • Douchen niet is toegestaan bij gebruik van zwaluwstaartjes tot na de wondcontrole
  • Tijdens de wondcontrole worden de kleine pleisters (zwaluwstaartjes) verwijderd.
  • Bij koorts boven 38.5C contact opnemen met .ziekenhuis (cardioloog) 0413 - 40 40 40.
  • Niet zwaarder tillen dan tien kilo.
  • Gedurende vier weken de arm aan operatiezijde niet boven de schouder, of extreem naar achter bewegen (haren kammen met andere arm).
  • Beweeg de schouder niet extreem veel, maar houdt hem zeker niet stil in verband met verklevingen die kunnen ontstaan in het schoudergewricht.
  • Om de schouder te ontlasten en irritatie van de wond te voorkomen is het beter om de eerste drie weken het dragen van strakke kleding zoals bretels en korsetten te vermijden.

1e tot 6e week na de implantatie

  • Doe geen zwaar huishoudelijk werk zoals ramen lappen en stofzuigen. Probeer repeterende/herhalende handelingen te voorkomen.
  • Sporten zoals zwemmen of tennis raden we in dit stadium van herstel nog af.
  • Wandelen of fietsen is geen probleem.
  • Om spanningen op de schouder te voorkomen bij het aantrekken van de jas, adviseren we u eerst de arm aan de operatiezijde en daarna de 'goede arm' in de jas doen.
  • Wanneer u gaat sporten is het aan te raden om iemand mee te nemen die van uw situatie op de hoogte is.

6e tot 10e week na de implantatie

  • Blijf contactsporten vermijden zoals judo of karate, hierdoor kan de pacemaker beschadigen. Wel kan er weer begonnen worden met zwemmen. Doe dit echter wel voorzichtig en bouw het in overleg met cardioloog op, zodat er een niveau van activiteiten kan worden afgestemd.
  • Huishoudelijk werk kan wel gedaan worden, maar let op met zware pannen en repeterende handelingen.

Slapen en rusten

In principe heeft de ingreep geen invloed op uw slaappatroon. Bij zijligging kan de pacemakerbatterij wat verschuiven, dit kan geen kwaad.

Pijn en aanhoudende klachten

De eerste drie maanden kan de pocket nog pijnlijk blijven. De plaats van de pacemaker kan beurs aanvoelen. De huid kan pijnlijk zijn. De pacemaker kan in uitzonderlijke gevallen door de zeer dunne huid omhoog komen. Dan moet u contact opnemen met uw cardioloog.

Herstellen na de ingreep

Uw rol in het gezin zal de eerste weken anders zijn dan u gewend bent. Probeer het ‘oude leven' weer op te pakken zonder handelingen te forceren. Probeer wel in het dagelijks leven duidelijk uw grenzen te stellen.

Wanneer moet u uw arts of pacemakertechnicus te bellen?

  • Bij tekenen van infectie, wijken van de wondranden, koorts, hevige pijn, verlies van
    wondvocht.
  • Bij hevige bloeding.


Welke apparaten in het dagelijks leven kunnen schadelijk zijn voor u?

  • Apparatuur zoals een magnetron of inductiekookplaat kan geen kwaad voor de pacemaker.
  • Wanneer u mobiel belt, houdt de telefoon niet aan de kant waar de pacemaker zit en doe de telefoon niet in uw borstzakje.
  • Bij winkelen kunt u gewoon door het detectiepoortje heen lopen, er niet in blijven stilstaan.
    Op een luchthaven moet u even aangeven dat u een pacemaker heeft, op vertoon van uw pacemakerkaartje en paspoort zullen ze met gebruik van een handscanner detecteren en de plek van de pacemaker overslaan.
  • Bij onderzoeken en behandelingen in het ziekenhuis is het belangrijk dat u vertelt dat u een pacemaker heeft. Zo kan een röntgenfoto geen kwaad maar een MRI-scan kan de pacemaker verstoren of beschadigen.

Nu u een pacemaker heeft gekregen zal het leven een stuk aangenamer worden, toch is het goed om even stil te staan bij het overlijden. Wanneer u overlijdt, zal de pacemaker nog even signalen blijven uitzenden.
De pacemaker geeft een elektrische prikkel waarop het hart niet meer kan reageren, het bloed wordt niet meer rondgepompt. De pacemaker vertraagt het overlijdensproces niet.

Seksualiteit en intimiteit

Als u met uw pacemaker twee verdiepingen de trap kunt oplopen, is vrijen geen probleem.

En nog het volgende

  • Autorijden: na vier of vijf dagen kunt u weer autorijden in een auto met stuurbekrachtiging. Dit kan geen kwaad voor de hechtingen.
  • Werken: wanneer u een kantoorbaan heeft kunt u na twee dagen weer aan het werk. Bij zwaarder werk, bijvoorbeeld in de bouw, kunt u na 20 dagen weer aan het werk, maar blijf zwaar tillen vermijden!
    Overleg dit ook met uw cardioloog.
  • Zonnen: hoge temperaturen zijn voor een pacemaker geen probleem. Wel kan het in de pocket gaan broeien en de warmte kan mogelijk een infectie veroorzaken.
    Het litteken is gevoelig voor zon, kan daardoor gemakkelijk verbranden en irriteren. Houdt de
    pacemaker de eerste twee tot drie maanden bedekt tijdens het zonnen.
  • Alcoholgebruik: is zelf niet schadelijk maar het gevolg wel.
  • Pacemaker na overlijden.
    In de wet is het uitnemen van de pacemaker bij een overledene niet benoemd.
    Wettelijk gezien mag de pacemaker dus blijven zitten. In geval van crematie echter, dient een pacemaker te worden verwijderd. De pacemaker kan namelijk de crematieoven beschadigen.
    In geval van begraven betreft uitname van een pacemaker veelal een milieutechnische overweging.

Belangrijke telefoonnummers

  • Algemeen nummer Bernhoven  : 0413 - 40 40 40
  • Pacemaker / ICD poli, route 110: 0413 - 40 24 64

Naast de informatie die staat beschreven in deze folder, ontvangt u van uw arts ook de uitgebreidere informatiebrochure ('Een pacemaker') van de Nederlandse Hartstichting. Wanneer u deze brochure (nog) niet heeft ontvangen, kunt u deze vragen aan de polikliniekassistente of de pacemakertechnicus.
Ook kunt u met al uw vragen over hart- en vaatziekten terecht bij de informatielijn van de Nederlandse Hartstichting. Per telefoon 0900 - 3000 300. Dit kan op maandag tot en met vrijdag van 9.00-13.00 uur (lokaal tarief).