Spring naar de content

Haglundse exostose

In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten dat u geopereerd wordt, waarbij de abnormale bot aangroei aan de achterkant van uw hielbeen (exostose) waardoor u pijn heeft wordt verwijderd. Deze afwijking is vernoemd naar de Zweedse orthopedisch chirurg die deze pijnlijke knobbel voor het eerst heeft beschreven. Soms is ook de slijmbeurs tussen het hielbeen en de achillespees ontstoken en zijn er ook wel eens verkalkingen in de achillespees zelf. In deze folder leest u hoe de operatie in Bernhoven wordt uitgevoerd.

Wat is Haglundse exostose?

De Haglundse exostose ontstaat meestal door teveel druk van de schoenen tegen de hak. Denk hierbij aan schoenen waarvan de hielkap (contrefort) heel hard en stug is en tegen de hak aandrukt waardoor als reactie het plaatselijk verdikt en een uitstekende bult vormt. De slijmbeurs tussen de achillespees en het hielbeen kan door de verhoogde wrijving ook gaan ontsteken. Dit kan ook tegen de achillespees gaan drukken en op die manier kan dit gaan irriteren. De aandoening komt meer voor bij mensen met holvoeten (hoge wreef) en bij jonge vrouwen door het dragen van strak zittende pumps.

Wat zijn de klachten?

Veel gehoorde klachten zijn:

  • een pijnlijke harde zwelling op de hak, die soms ook rood verkleurd is.
  • Een pijnlijke en verdikte achillespees bij de aanhechting op het hielbeen.
  • De klachten worden erger bij druk op de zwelling en bij het dragen van te krappe schoenen en worden minder bij het lopen op slippers of blote voeten.

Of u deze aandoening heeft wordt veelal onderzocht met een lichamelijk onderzoek en door te kijken naar de gedragen schoenen. Een röntgenfoto kan gemaakt worden om zeker te weten dat u Haglundse exostose heeft

Resultaat van de behandeling

De eerste behandeling is altijd zonder operatie en bestaat uit het verminderen van de druk op de knobbel door schoenen met een zachtere hielkap te gaan dragen of de harde hielkap door de schoenmaker wat te laten uitkloppen, waardoor deze ook zachter wordt.

Voor de eventuele slijmbeursontsteking kunnen ontstekingremmende medicijnen worden gebruikt of een injectie met een ontstekingsremmer worden gegeven. Als ook de achillespees is geïrriteerd kan deze worden behandeld door rekoefeningen en hieldemping in de schoen te gebruiken.

Als de klachten niet over gaan, kan een operatie worden gedaan waarbij de knobbel (exostose) wordt verwijderd samen met de eventueel ontstoken slijmbeurs. Bij deze operatie moet vaak een deel van de achillespees worden losgemaakt. De operatiewond van ongeveer 6 cm wordt met een oplosbare hechting gesloten.

Na de operatie krijgt u vier weken lang een onderbeenloopgips. Daarbij krijgt u injecties die u iedere dag dat u gips heeft in een plooi van uw buik moet zetten. Dit is om trombose (bloedstolling in de aders van uw been) te voorkomen.

De eerste weken na de operatie kunt u op de plaats van de wond meer pijn hebben. Daarover hoeft u niet ongerust te zijn. Meestal verdwijnen de pijn en de zwelling in de eerste weken na de operatie. Na het verwijderen van het gips gaat u onder begeleiding van de fysiotherapeut de achillespees oprekken mag u het gebruik van het been steeds meer uitbreiden. Het herstel duurt ongeveer zes maanden.

Hoe bereidt u zich voor?

Opname

De operatie wordt gedaan tijdens een dagopname op het Ambulant centrum/afdeling dagbehandeling. Onze afdeling opname planning informeert u over de datum en tijd waarop u wordt opgenomen. Ook wordt met u een afspraak gemaakt voor het spreekuur PPO (Preoperatief Poliklinisch Onderzoek). Op dit spreekuur heeft u een gesprek met een doktersassistente, een verpleegkundige en met de anesthesioloog (= de specialist die voor de verdoving zorgt).

Na de operatie kunt u niet zelf naar huis rijden. Zorg er daarom voor dat iemand u komt ophalen na de operatie.

Actueel medicatieoverzicht (AMO); meenemen voor uw eigen veiligheid

Wat is een AMO?
AMO staat voor actueel medicatieoverzicht. Het is dus een overzicht van de medicijnen die u op dat moment gebruikt.

Waarom een AMO?
Als uw arts medicijnen wil voorschrijven, leest de arts in uw AMO welke medicijnen u al gebruikt. Zo voorkomen we dat u medicijnen voorgeschreven krijgt die niet goed combineren met andere medicijnen.

Hoe kom ik aan mijn AMO?
Uw apotheker print voor u een AMO uit. Vertel uw apotheker ook als u medicijnen gebruikt zonder recept zoals pijnstillers, vitamines, anticonceptie pil of St. Janskruid en meld ook allergieën.

Ik heb nieuwe medicijnen gekregen. Hoe kom ik aan een aangepast AMO?
Tijdens uw ziekenhuisopname, polikliniekbezoek of bezoek aan uw huisarts kan uw medicijngebruik zijn veranderd. Let er op dat wijzigingen van medicatie of nieuwe gegevens in uw overzicht worden opgenomen door uw apotheker.

Wanneer neem ik mijn AMO mee?
Zorg dat u het overzicht altijd bij u heeft als u naar de specialist gaat. Dan kan de specialist zien of eventuele nieuwe medicijnen samengaan met medicijnen die u al heeft. Neem het ook mee als u naar de tandarts gaat.

Hoelang is uw AMO geldig?
Het document is maximaal drie maanden geldig maar dient bij iedere wijziging in de medicatie tussentijds opnieuw te worden vervangen. Uw apotheek kan het actuele medicatie overzicht verstrekken.

U kunt niet komen, wat dan?

Wanneer u niet op de afgesproken voor de operatie kunt komen, neemt u dan op tijd contact op met opname planning: 0413 - 40 19 17

Dag van de operatie

Hoe bereidt u zich voor?

U krijgt op het Ambulant centrum/afdeling dagbehandeling operatiekleding aan. Daarna wordt u in uw bed naar de voorbereidingskamer gereden. Op de voorbereidingskamer krijgt u een infuus in uw arm. Via dit infuus krijgt u medicijnen en vocht toegediend.

Verdoving

De operatie waarbij de knobbel van het hielbeen wordt verwijderd (en eventueel ook de slijmbeurs en de verkalkingen in de achillespees) wordt gedaan terwijl u op uw buik ligt. Dit kan onder een algehele verdoving (narcose) of een plaatselijke verdoving (ruggenprik). Vaak wordt als extra pijnblok voor de eerste 24 uur na de ingreep een prik in de knieholte gegeven (popliteablock). Opereren onder plaatselijke verdoving heeft de voorkeur. Dit betekent dat alleen de benen en de voeten gevoelloos worden. De keuze van de verdoving bespreekt u met de anesthesioloog. Ook andere vragen over de verdoving kunt u op het spreekuur PPO met de anesthesioloog bespreken.

Het verloop van de operatie

Tijdens de operatie, waarbij u op uw buik ligt, draagt u een strakke band om uw been zodat er tijdelijk geen bloed van het been naar de voet stroomt. De orthopedisch chirurg maakt een snee (van ongeveer 6 cm) aan de buiten-achterzijde van de knobbel van het hielbeen net naast de aanhechting van de achillespees, die vaak wel voor een klein stukje moet worden losgemaakt. Dan wordt de knobbel met een beitel verwijderd en eventueel ook de ontstoken slijmbeurs. Als er verkalkingen in de achillespees zitten worden deze via een snee in de achillespees verwijderd. De wond wordt met een oplosbare hechting gesloten.

Hoe lang duurt het?

De operatie duurt ongeveer 30 tot 45 minuten.

Na de operatie

Na de operatie krijgt u vier weken lang een onderbeenloopgips op de gipskamer aangelegd. Daardoor moet u na de operatie antistollingsmedicijnen gebruiken om trombose (= klontering van het bloed) te voorkomen. Dit medicijn krijgt u met een injectie. De verpleegkundige legt u (of uw partner/familielid) uit hoe u de injectie toedient.

Het is mogelijk dat de orthopedisch chirurg met u afspreekt dat u na de operatie van een fysiotherapeut hulp en uitleg krijgt bij het lopen.

Zijn er problemen te verwachten?

Echte problemen komen gelukkig zelden voor. De belangrijkste problemen die kunnen optreden, zijn een nabloeding door het gips en soms een wondinfectie met koorts.

Naar huis

Wanneer?

In principe gaat u de dag van de operatie naar huis. U krijgt een recept voor ontstekingsremmers en pijnstilling en de spuitjes tegen de trombose mee en een afspraak voor poliklinische controle.

Weer aan het werk

Wat de gevolgen van uw aandoening en/of de behandeling voor uw werk zijn, kunt u met uw specialist overleggen. De specialist kan uw bedrijfsarts informeren over de ingreep. Om uw privacy te beschermen is uw toestemming nodig voor overleg tussen de specialist en uw bedrijfsarts. De bedrijfsarts is degene die u begeleidt bij de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van uw aandoening of behandeling. Het is goed om de bedrijfsarts al vóór de operatie, of in ieder geval zo snel mogelijk daarna te informeren. Dat maakt het gemakkelijker om tot goede afspraken met uw bedrijfsarts te komen.

Adviezen voor thuis

Voor een zo goed mogelijk herstel is het belangrijk dat u zich houdt aan onderstaande adviezen:

  • De eerste weken na de operatie heeft de geopereerde voet veel rust nodig. De eerste weken moet u zo min mogelijk lopen en als u zit, legt u het been hoog. Dit voorkomt pijn en zwelling van de voet.
  • Om de bloeddoorstroming in de voet te stimuleren is het goed om de tenen regelmatig te bewegen.
  • Wanneer u weer mag gaan lopen, is het verstandig dit rustig aan op te bouwen.
  • Nadat het gips is verwijderd, is het raadzaam om wisselbaden te gebruiken. Ook hierdoor wordt de bloeddoorstroming in de voet gestimuleerd.

Problemen thuis

Wanneer eventuele pijn na de operatie niet minder wordt, maar juist erger wordt of u krijgt koorts; wordt u benauwdheid of gaat u sneller ademen; krijgt u pijn in uw onderbeen met verkleuring van de tenen en dat wordt niet beter als u het been hoog legt?

Dan neemt u dan contact op met de polikliniek orthopedie. Buiten kantooruren belt u de receptie van het ziekenhuis, telefoonnummer: 0413 - 40 40 40.

  • Polikliniek orthopedie: 0413 - 40 19 71

Heeft u nog vragen?

Wanneer u na het lezen van de folder nog vragen heeft, stelt u deze dan gerust aan uw behandelend arts of de verpleegkundige van het Ambulant centrum/ afdeling dagbehandeling.