Spring naar de content

Methotrexaat (Ledertrexate / Emthexate / Ebetrex) bij reumatische ziekten

Behandeling met Methotrexaat

in overleg met uw behandelend reumatoloog heeft u besloten dat u wordt behan­deld met het medicijn Methotrexaat (afgekort MTX). In deze folder vindt u onder andere informatie over de werking van Methotrexaat, de bijwerkingen en de verschillende manieren waarop dit medicijn kan worden gebruikt.

Hoe werkt Methotrexaat?  

Methotrexaat (ook wel MTX genoemd) behoort tot de groep zogenaamde DMARD’s. Dit zijn antireumatische geneesmid­delen, die het reumatisch ontstekingsproces onderdrukken. Daardoor worden de gewrichtsontstekingen geremd en nemen de zwelling, pijn en stijfheid af. Doordat de gewrichtsontstekingen minder worden, neemt ook de kans op beschadigingen aan de gewrichten af. Ook voelen veel patiënten zich minder moe en kunnen zij beter functioneren in het dagelijks leven.

Het kan vier tot acht weken, of soms zelfs enkele maanden duren voordat u merkt dat het medicijn werkt. Uw arts adviseert u dan ook meestal, in het begin, naast MTX andere pijnstillende en ontstekingsremmende middelen te gebruiken. MTX is het eerste middel van keuze bij patiënten met gewrichtszwellingen door onder andere reumatoïde artritis of artritis psoriatica.

MTX is van oorsprong een cytostaticum, dat wil zeggen een stof die de groei van cellen remt en snelgroeiende, woekerende cellen doodt. Cytostatica worden daarom vooral gebruikt bij de behandeling van kanker.

De dosering van MTX is bij reumatische ziekten maar een fractie van de behandeling bij kanker. Daarnaast is de frequentie van doseren anders: u gebruikt MTX een keer per week. Hierdoor komen de bijverschijnselen ook aanzienlijk minder vaak voor en zijn doorgaans milder van aard. Door foliumzuur naast MTX te gebruiken neemt de kans op het ontstaan van bijwerkingen aanzienlijk af.

Hoe gebruikt u methotrexaat? 

MTX kan worden toegediend in de vorm van tabletten of injecties. Om de kans op bijverschijnselen te verminderen wordt MTX niet iedere dag gege­ven, maar op één vaste dag in de week. Dit geldt zowel voor de tabletten als voor de injecties. Bij MTX schrijft uw arts ook foliumzuur voor. Foliumzuur is vitamine B6 dat bepaalde bijwerkingen van MTX kan tegengaan. Foliumzuur wordt ook een keer per week ingenomen, twee tabletten van 5 mg tegelijk of volgens voorschrift van uw arts, maar NIET op de dag dat u MTX gebruikt.

  • Tabletten
    MTX wordt toegediend in de vorm van tabletten (2,5 mg of 10 mg). De gebruikelijke dosering varieert van 10 tot 30 mg en wordt eenmaal per week toegediend, steeds op dezelfde dag van de week. MTX wordt bij voorkeur na de avondmaaltijd of voor de nacht gebruikt, waardoor de kans op bijwerkingen vermindert.   
  • Injecties
    MTX kan ook worden toegediend via een injectie net onder de huid. Dat kunt u zelf, maar ook uw partner. Tijdens de spuitinstructie leggen we precies uit hoe u uzelf kunt spuiten. Hoewel dit misschien een eng idee is, blijkt in de praktijk dat zelf spuiten heel goed is te leren. 
  • Als u de tabletten op de door u gekozen dag in de week bent vergeten, neem deze dan uiterlijk de vol­gende dag in. Ontdekt u het pas later in de week, sla de tabletten voor die week dan over. Op uw gebruikelijke ‘slikdag’ in de daaropvolgende week neemt u weer de normale hoeveelheid tabletten in.
  • Pas op: de tabletten van 2,5 en 10 mg zijn bijna niet van elkaar te onderscheiden! Meestal worden om die reden alleen tabletten van 2,5 mg voorgeschreven. Slik de tabletten helemaal door.

Welke bijwerkingen kunnen optreden tijdens behandeling met Methotrexaat?

Het gebruik van MTX kan leiden tot een aantal bijverschijnselen, die nagenoeg altijd snel verdwijnen als u stopt met de medicatie.

De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

  • Maag- of darmklachten, zoals: een vol gevoel, misselijkheid of diarree.
  • Leverfunctiestoornissen. Hiervan merkt u zelf meestal niets. Om uw leverfuncties in de gaten te kunnen houden, vragen wij u uw bloed regelmatig te laten controleren. Zo nodig wordt de dosis MTX verlaagd. Als de dosis lager is, gaan deze stoornissen over.

Af en toe voorkomende bijwerkingen:

  • Irritatie van het mondslijmvlies.
  • Stoornissen in de bloedaanmaak door het niet goed functioneren van het beenmerg. Hierdoor kan een verhoogde kans op infecties ontstaan.
  • Huidafwijking en lichte haaruitval (verdwijnen bij verlaging van de dosis).
  • Hoofdpijn en duizeligheid.

Zelden voorkomende bijwerkingen:

  • Bepaalde vorm van longontsteking. Dit kan gepaard gaan met hevige kortademigheid. (Dit kan natuurlijk ook door een griep worden veroor­zaakt).
  • De zin om te vrijen wordt minder.

Hygiënische adviezen

  • Tot 72 uur na toediening van Methotrexaat kunnen resten van dit middel voorkomen in urine, ontlasting en braaksel. Uit hygiënische overwegingen moeten mannen daarom zittend plassen.

Andere geneesmiddelen

Bepaalde medicijnen kunnen bij gelijktijdig gebruik de bloedspiegels van Methotrexaat en/of sommige bijwerkingen van het middel beïnvloeden. Ook kan Methotrexaat de werking van andere geneesmiddelen beïnvloeden. Meld daarom altijd bij uw huisarts of specialist dat u met Methotrexaat behandeld wordt. Overleg bij twijfel met uw arts.

  • Antibiotica: Als uw huisarts of een andere specialist het nodig vindt u met antibiotica te behandelen, meld dan altijd dat u behandeld wordt met Methotrexaat. Bepaalde antibiotica (trimethoprim, co-trimoxazol) mogen niet in combinatie met Methotrexaat worden voorgeschreven. U krijgt hiervoor een rood waarschuwingskaartje, dat u altijd bij u moet dragen.
  • NSAID: Methotrexaat mag gecombineerd worden met een NSAID (non-steroid anti-inflammatory drug). Een NSAID is een ontstekingsremmende pijnstil­ler zoals bijvoorbeeld naproxen, ibuprofen en diclofenac.

Zwangerschap en borstvoeding

  • Methotrexaat kan schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Daarom krijgen vrouwen en mannen het advies om tijdens de behandeling met Methotrexaat voor een betrouwbare anticonceptie te zorgen en deze na beëindiging van de medicatie nog minstens drie maanden voort te zetten. Overleg altijd met uw arts als u van plan bent zwanger te worden of onverwacht zwanger bent geworden. De medicatie kan dan worden vervangen.
  • Methotrexaat mag niet gebruikt worden tijdens borstvoeding.

Sexualiteit

Er zijn geen aanwijzingen dat Methotrexaat in sperma en vaginaal vocht terechtkomt. Daarom is het niet nodig speciale voorzorgsmaatregelen te nemen bij het vrijen.

Bloedcontrole

Uw arts laat de eerste drie maanden elke maand uw bloed controleren om vroegtijdige tekenen van nier-, lever- of beenmergbeschadiging op te sporen. Hierna wordt uw bloed elke drie maanden gecontroleerd. Zo nodig wordt de dosis Methotrexaat aangepast. Als er stoornissen in het bloed optreden, dan gaan die over het algemeen wel over.

Alcohol

Wees zuinig met alcohol. In combinatie met Methotrexaat wordt het risico op leverfunctiestoornissen verhoogd. Gebruik bij voorkeur niet meer dan één alcoholconsumptie per dag.

Vaccinaties

Als u Methotrexaat gebruikt mag u zich voor een aantal ziektes niet laten inenten. Dit zijn de levende vaccins zoals bof, mazelen, rode hond (BMR), gele koorts, polio, tyfus of tuberculose. Wel raden we u aan om jaarlijks de griepvaccinatie te halen bij uw huisarts.

Heeft u vragen?

Voor vragen of bijzonderheden kunt u contact opnemen met uw reumatoloog of verpleegkundig reumaconsulent via de polikliniek reumatologie (route 124)

  • Maandag t/m vrijdag van 08:00 – 17:00 uur op telefoonnummer: 0413 – 40 19 65.
  • De RegioApotheek Bernhoven 24 uur per dag op telefoonnummer: 0413 – 40 87 80
  • Buiten kantooruren verloopt het contact via de huisarts/huisartsenpost.