Skip to Content

Verwijderen van de zaadbal (orchidectomie)

In overleg met je arts wordt er binnenkort 1 of beide zaadballen verwijderd. Ook wel orchidectomie genoemd. In deze folder leggen we uit wat een orchidectomie inhoudt en krijg je algemene informatie over het verloop van de behandeling.

Bijzondere omstandigheden kunnen aanleiding geven tot het wijzigen van de behandeling. Dit wordt altijd door de uroloog met je besproken.

Wat is een orchidectomie?

Een orchidectomie is een ingreep waarbij 1 of beide zaadballen verwijderd worden. De zaadbal wordt verwijderd via de balzak of via de lies. De zaadballen, ofwel testes, zijn ovaal van vorm en ongeveer 4 tot 5 centimeter groot. Zij produceren de spermacellen en een groot deel van de mannelijke geslachtshormonen testosteron.

Redenen om 1 of beide zaadballen te verwijderen:

  • Blijvende of vaak terugkerende infectie van de zaadbal of bijbal
  • Draaiing van een zaadbal met bloedvaten (torsio) waardoor deze afsterft
  • Prostaatkanker
  • Zaadbalkanker

Het verwijderen van 1 zaadbal hoeft niet te leiden tot vermindering van het libido of tot impotentie. Ook de vruchtbaarheid hoeft niet te verminderen, omdat er nog een zaadbal over is. Bij nabehandelingen zoals chemotherapie is er wel invloed op de vruchtbaarheid. Als je een kinderwens hebt, kun je ervoor kiezen om zaad in te laten vriezen.

Hoe bereid je jezelf voor?

  • Actueel medicatieoverzicht (AMO). Neem naar de afspraken in het ziekenhuis een actueel medicatieoverzicht mee. Dit heeft de specialist nodig om te weten welke medicijnen hij eventueel kan voorschrijven in combinatie met de medicijnen die je op dit moment gebruikt. Een AMO haal je op bij je eigen apotheek en is maximaal 3 maanden geldig.
  • Vertel aan de uroloog als je bloedverdunners gebruikt. In overleg met de uroloog zal dit zo nodig tijdelijk gestopt worden.
  • De ingreep vindt plaats onder narcose of met een ruggenprik. Om dit te bespreken wordt er een afspraak gemaakt voor het spreekuur PPO (preoperatief poliklinisch onderzoek). Op dit spreekuur heb je een gesprek met een doktersassistente, een verpleegkundige en met de anesthesioloog (de arts die voor de verdoving zorgt).
  • Op de dag van de ingreep kom je nuchter naar het ziekenhuis. Dit betekent dat je vanaf een bepaald tijdstip niets meer mag eten, drinken en roken. Op het spreekuur PPO krijg je te horen vanaf welk moment je nuchter moet zijn.
  • De ingreep vindt plaats op de operatiekamer.
  • De ingreep vindt meestal plaats in dagopname. Soms moet je 1 nacht blijven.
  • Regel vooraf vervoer naar huis. Je kan licht in het hoofd zijn door de verdoving, waardoor het niet verstandig is om zelf auto te rijden. Zorg ervoor dat er iemand met je meegaat of dat je na de ingreep opgehaald wordt. Rijd je na een verdoving toch zelf, dan ben je niet verzekerd als je een ongeluk krijgt.

Bij het vermoeden van zaadbalkanker zal het traject anders en versneld verlopen. Je wordt dan binnen 1 á 2 dagen geopereerd. In dit geval zal de uroloog en verpleegkundige dit met je bespreken.

Waar meld je je?

Op de dag van de ingreep meld je je volgens afspraak op de afdeling. Je krijgt vooraf te horen op welke route en hoe laat je jezelf mag melden.

Hoe verloopt de ingreep?

Nadat de verdoving is toegediend verwijderd de uroloog de zaadbal(len). Afhankelijk van de reden gebeurt dit via een snede in de lies of snede in de balzak (scrotaal). Daarna wordt de wond gesloten met oplosbare hechtingen.

Soms wordt uit de andere zaadbal een biopt (een stukje weefsel) genomen voor microscopisch onderzoek. Dit wordt gedaan om te achterhalen of ook in de andere bal afwijkend weefsel aanwezig is. Voor de operatie heeft de uroloog met je besproken of er wel of geen prothese geplaatst wordt. De hechtingen lossen na ongeveer 2 tot 3 weken op en hoeven dus niet verwijderd te worden.

De ingreep duurt ongeveer 30 tot 45 minuten.

Na de ingreep

  • Doe het op de dag van de ingreep rustig aan om een nabloeding te voorkomen.
  • Als de verdoving is uitgewerkt, kan het gebied van de balzak en liezen pijnlijk worden. Hiervoor kun je een pijnstiller innemen (bijvoorbeeld paracetamol). Wacht bij pijnklachten niet te lang met het innemen van de pijnmedicatie.
  • De dag na de ingreep mag de pleister verwijderd worden. Als de wond droog is hoeft er geen nieuwe pleister meer op. Je mag dan ook weer douchen.
  • Het advies is om na de ingreep 2 dagen een strakke onderbroek te dragen.
  • De dag na de ingreep kun je weer lichte dagelijkse werkzaamheden oppakken.
  • Verricht de eerste week geen zware arbeid.
  • Het is verstandig de eerste week niet te ver te lopen, te bukken, zwaar te tillen en auto te rijden.
  • Geslachtsgemeenschap wordt de eerste 2 weken na de ingreep afgeraden.
  • Moest je stoppen met de bloedverdunners vanwege deze ingreep, dan kun je 3 dagen na de ingreep weer beginnen met het innemen van de bloedverdunners. Weet je niet zeker of dat dan al kan? Overleg dan met de polikliniek urologie.

Wat te doen bij problemen?

Neem in onderstaande situaties contact op met polikliniek urologie:

  • Je krijgt koorts boven de 38.5 °C
  • De pijn neemt toe bij het gebruik van pijnstilling
  • Er ontstaat roodheid en/of zwelling in het operatiegebied
  • Bij een nabloeding van de wond

Controle

Bij ontslag krijg je een controleafspraak mee voor de uroloog.

Heb je nog vragen?

Heb je na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan op werkdagen contact op met polikliniek urologie. Buiten kantooruren kun je bij vragen of problemen contact opnemen met de receptie.

  • Polikliniek urologie telefoon:  0413 – 40 19 68 (binnen kantooruren)
  • Receptie telefoon:                  0413 – 40 40 40 (buiten kantooruren)