Spring naar de content

Voedingsadviezen bij zwangerschapsdiabetes (diabetes gravidarum)

Deze folder is bedoeld ter ondersteuning van de behandeling van de diëtist en diabetesverpleegkundige. Hierin leest u hoe zwangerschapsdiabetes ontstaat, wat de symptomen en gevolgen zijn. Verder vertellen we u wat een gezonde voeding is tijdens de zwangerschap en geven we u voedingsadviezen mee.

Wat is zwangerschapsdiabetes?

Zwangerschapsdiabetes wordt ook wel diabetes gravidarum genoemd en is een tijdelijke vorm van diabetes (suikerziekte). Meestal wordt zwangerschapsdiabetes ontdekt vanaf de 20e zwangerschapsweek en verdwijnt in de meeste gevallen weer na de bevalling. Wel is er een groter risico op het ontstaan van diabetes mellitus (suikerziekte) in de eerste jaren na de zwangerschap. Het advies is om in de eerste vijf jaar na een zwangerschap met zwangerschapsdiabetes jaarlijks bij de huisarts de bloedglucose te laten controleren.

Hoe ontstaat zwangerschapsdiabetes?

Tijdens de zwangerschap verandert de stofwisseling van de moeder. Het lichaam heeft hierdoor behoefte aan meer insuline. De ‘zwangerschapshormonen’ zorgen ervoor dat het lichaam tijdelijk minder goed reageert op insuline. Insuline is een hormoon dat aangemaakt wordt door de alvleesklier, het speelt een belangrijke rol bij het onder controle houden van de bloedglucose. Een ander woord voor bloedglucose is bloedsuiker. Insuline is nodig om glucose in de cellen toe te laten, waar het als brandstof dient. Bij zwangerschapsdiabetes kan glucose de cel niet (voldoende) in, en blijft in het bloed. De bloedglucose wordt hierdoor te hoog. U merkt hier vaak niets van.

Het risico op het krijgen van zwangerschapsdiabetes is groter:

  • bij een leeftijd boven de 35 jaar;
  • wanneer het vorig kind bij de geboorte zwaarder was dan 4000 gram;
  • als diabetes voorkomt bij eerstegraads familieleden (bijv. je ouders, broers/zus);
  • als u eerder een miskraam heeft gehad;
  • als u overgewicht heeft.

Gevolgen

Bij een te hoge bloedglucose gaat een deel van de glucose via de placenta naar het kind. Daardoor wordt het kind zwaarder dan normaal. Dit kan problemen geven in het laatste deel van de zwangerschap en tijdens de bevalling. Om de kans hierop zo klein mogelijk te houden is het belangrijk dat zwangerschapsdiabetes wordt behandeld. De behandeling van zwangerschapsdiabetes bestaat in eerste instantie vaak alleen uit een voedingsadvies. Wanneer de bloedglucose na het aanpassen van de voeding nog te hoog is, is het mogelijk dat u tijdelijk medicatie moet gaan gebruiken.

Het doel van de behandeling

De dieetbehandeling van zwangerschapsdiabetes heeft als doel:

  • een zo normaal mogelijk gehalte aan glucose in het bloed. We streven naar een bloedglucosewaarde: nuchter ≤ 5,3 mmol/l en 2 uur na de maaltijd ≤ 6,7 mmol/l;
  • een zo normaal mogelijke groei van uw kind;
  • een normale gewichtstoename tijdens de zwangerschap;
  • Streven naar een gezonde voedselinname tijdens de zwangerschap.

Er zal een nieuw evenwicht gevonden moeten worden in eetgewoonten, bloedglucose en eventueel insuline. 

Gezonde voeding

Bij zwangerschapsdiabetes krijgt u voedingsrichtlijnen die helpen om de bloedglucosewaarde stabiel te houden. De basis is een gezonde en volwaardige voeding te gebruiken.

Tijdens de zwangerschap hebt u gemiddeld per dag nodig:

Product/voedingsmiddel Aanbevolen gemiddelde hoeveelheid per dag
Groente 5 opscheeplepels (250 gram)
Fruit 2 porties (200 gram)
Brood 4 tot 7 bruine of volkoren sneetjes
Aardappelen, rijst, pasta of peulvruchten 4 tot 5 opscheplepels volkoren graanproducten of 4-5 aardappels (200-250 gram)
Vlees, vis / peulvruchten 100 gram vlees of vis; 2 tot 3 opscheplepels peulvruchten
Noten 25 gram ongezouten noten
Zuivel 2 tot 3 porties zuivel (450 ml. melkproducten
Kaas 40 gram kaas per dag (circa twee plakken)
Smeer- en bereidingsvetten 40 gram per dag (ca. 1 eetlepel voor het bereiden van de warme maaltijd en ca. 25-30 gram halvarine of margarine voor de broodmaaltijden
Vocht 1,5 tot 2 liter (inclusief zuivel)

Koolhydraten

‘Koolhydraten’ is een verzamelnaam voor zetmeel en verschillende soorten suiker. Koolhydraten worden tijdens de vertering afgebroken tot glucose en deze glucose wordt vervolgens opgenomen in het bloed. Na het eten van een maaltijd met koolhydraten, stijgt de bloedglucose. De alvleesklier wordt dan actief en produceert insuline. Normaal zorgt uw lichaam ervoor dat de hoeveelheid insuline past bij de hoeveelheid koolhydraten die u binnenkrijgt. Eet u wat meer koolhydraten, dan maakt uw lichaam wat meer insuline aan. Eet u wat minder koolhydraten, dan maakt uw lichaam minder insuline aan. Bij zwangerschapsdiabetes heeft uw lichaam hier moeite mee.

Er zijn verschillende soorten koolhydraten te onderscheiden:

  • vruchtensuiker; in fruit en vruchtensappen;
  • melksuiker; in melk en melkproducten (behalve in kaas);
  • zetmeel; in brood, aardappelen, peulvruchten, deegwaren en rijst;
  • suiker; in zoet broodbeleg, koek en gebak, snoep en frisdrank.

De belangrijkste voedingsadviezen bij zwangerschapsdiabetes

Vermijd snelle, vloeibare suikers

Snelle, vloeibare suikers worden snel opgenomen in het bloed, wat leidt tot een te hoge bloedglucosewaarde. Voorbeelden van producten met snelle suikers zijn frisdrank, limonade, vruchtensappen en suiker in koffie en thee. Neem ook geen light vruchtensappen. Vruchtensap is van fruit gemaakt, waardoor het nog altijd vruchtensuiker bevat. Gebruik ook geen suikervervangers zoals honing of siroop.

  • Toegestaan: water, thee, suikervrije ranja (bijvoorbeeld Slimpie, Burg limo light, Teissiere), frisdrank light (zoals cola light of sinas light), Crystal Clear en Rivella.
  • Light-frisdrank is ook tijdens de zwangerschap veilig te gebruiken. Dit geldt ook voor andere producten met zoetstoffen zoals zoetjes.

Kies voor volkoren graanproducten, peulvruchten, groente en fruit en beperk het gebruik van geraffineerde producten

Kies bij de keuze van de koolhydraten vooral uit: volkoren graanproducten, peulvruchten, groenten en fruit. Deze producten bevatten veel voedingsvezels. Voedingsvezels hebben een gunstige invloed op het glucosegehalte in het bloed. Ze vertragen namelijk de opname van glucose in het bloed.

Beperk het gebruik van geraffineerde koolhydraatbronnen zoals: witbrood en broodproducten van witmeel, gebak, snoep, koekjes, biscuits, vezelarme ontbijtgranen (zoals cornflakes en crispies), witte rijst en pasta.

Zorg voor spreiding van koolhydraten

Zorg voor regelmaat in de hoeveelheid en in de spreiding van koolhydraten over de dag. Heel nauwkeurig rekenen is niet nodig. In bijgevoegde koolhydratenlijst vindt u van diverse producten de hoeveelheid koolhydraten. U hoeft dus niet suikervrij te eten.

Bloedglucosewaarde lager dan 6,7 mmol/L
Als uw bloedglucosewaarde 2 uur na de maaltijd onder de 6,7 mmol/L blijft, is de balans tussen de hoeveelheid koolhydraten en de hoeveelheid insuline die uw lichaam aanmaakt, goed en hoeft u uw voeding niet aan te passen.

Bloedglucosewaarde hoger dan 6,7 mmol/L
Als uw bloedglucosewaarde boven de 6,7 mmol/L is, kan het helpen de koolhydraten meer te spreiden over de dag. Probeer hierbij te ontdekken bij hoeveel gram koolhydraten de bloedglucosewaarde wel onder de 6,7 mmol/L blijft. U hoeft dan in de meeste gevallen niet minder te eten, maar u kunt de koolhydraten beter spreiden over de dag. Of u kunt andere producten gebruiken, bijvoorbeeld hartig in plaats van zoet beleg. 

Koolhydraatrijke maaltijden

Sommige maaltijden bevatten veel koolhydraten, zoals pizza, patat, pannenkoeken, rijst of pasta. Deze maaltijden bevatten naar verhouding meer koolhydraten dan bijvoorbeeld aardappelen. Houd daarom goed rekening met de hoeveelheid en bepaal voor uzelf in hoeverre u deze producten kunt gebruiken.

Beweging

Beweging helpt om de bloedglucose onder controle te krijgen. Door beweging wordt glucose uit het bloed opgenomen door de spieren, waar het als energie gebruikt wordt. Ook kan beweging de insulinegevoeligheid verbeteren. Als gevolg hiervan daalt de bloedglucose. Bij zwangerschapsdiabetes adviseren we u om minimaal 30 minuten per dag te bewegen in een laag tempo. Denk hierbij aan rustig wandelen, fietsen, yoga of zwemmen. Kijk wat mogelijk is en wat u prettig vindt. Beweging tijdens de zwangerschap is veilig, mits u luistert naar uw lichaam. Naast de positieve gevolgen voor de bloedglucose kan beweging bijdragen aan het verminderen of voorkomen van rugpijn en het bevorderen van spierkracht en uithoudingsvermogen.

Gewicht

Tijdens je zwangerschap is eten voor 2 niet nodig. Als je naast de normale zwangerschapskilo's niet extra aankomt, is dat goed voor je baby en kom je na de zwangerschap snel weer op je oude gewicht. Als u zwanger bent kunt u beter niet streng lijnen.

De geadviseerde gewichtstoename is:

  • 12,5-18 kg bij BMI < 18,5 kg/m2 (ondergewicht)
  • 11,5-16 kg bij BMI 18,5-25 kg/m2 (normaal gewicht)
  • 7-11,5 kg bij BMI 25-30 kg/m2 (overgewicht)
  • 5-9 kg bij BMI ≥ 30 kg/m2 (ernstig overgewicht)

U kunt uw BMI berekenen op www.voedingscentrum.nl/nl/bmi-meter

Vitamines en mineralen

Er wordt geadviseerd om tot 8 weken na de conceptie (10e week van de zwangerschap) dagelijks een supplement met 400 microgram foliumzuur per dag te gebruiken. Daarnaast is het advies om gedurende de gehele zwangerschap dagelijks 10 microgram vitamine D in te nemen. Wilt u daarnaast nog extra vitamines en mineralen gebruiken? Kies dan voor een multivitamine-preparaat speciaal voor de zwangere vrouw. Als u dat doet, hoeft u geen extra vitamine D en foliumzuur meer te gebruiken.

Specifieke adviezen bij de zwangerschap

Heeft u nog specifieke vragen omtrent wat u wel of niet mag eten tijdens de zwangerschap, kunt u de website van het voedingscentrum raadplegen www.voedingscentrum.nl/etenzwanger

Of u kunt de gratis app ‘ZwangerHap’ van het voedingscentrum installeren. Hier kunt u o.a. snel opzoeken of een voedingsmiddel tijdens de zwangerschap gegeten mag worden of niet.

Heeft u nog vragen?

Bij vragen kunt u altijd contact opnemen met de afdeling dietetiek

Voedingsadvies op maat

Tijdens concult te bespreken met de diëtist

Ontbijt

 

Tussendoor

 

Lunch

 

Tussendoor

 

Warme maaltijd

 

Tussendoor

 

Koolhydratenlijst

In de koolhydratenlijst staan voedingsmiddelen vermeld met de hoeveelheid koolhydraten die het desbetreffende voedingsmiddel bevat. Voor de exacte hoeveelheid koolhydraten kunt u ook op de verpakking van het product kijken.

Deze lijst geeft u inzicht in de hoeveelheid koolhydraten van de diverse producten per verstrekkingseenheid. Daarnaast kunt u met behulp van deze lijst variëren met producten waarbij rekening houdend met de hoeveelheid koolhydraten. N.B. De lijst geeft niet aan of een product gezond of ongezond is.

Voedingsmiddel Eenheid Koolhydraten in gram
brood- en ontbijtproducten    
beschuit 1 stuk 7
bolletje / pistolet 1 stuk (50 gram) 23
brinta 1 eetlepel (5 gram) 3
brood (wit/bruin) 1 snee (35 gram) 16
cornflakes 1 eetlepel (5 gram) 4
cracottes 1 stuk (5 gram) 4
creamcracker 1 struk (10 gram) 7
croissant 1 suk (40 gram) 17
cruesli 1 eetlepel (10 gram) 7
Italiaanse bol 1 bol (100 gram) 48
knáckebröd 1 stuk (10 gram) 7
krentenbol 1 stuk (50 gram) 25
krentenbrood 1 snee (35 gram) 19
muesli 1 eetlepel (10 gram) 6
rijstwafel 1 stuk (5 gram) 4
roggebrood donker 1 snee (45 gram) 16
roggebrood licht 1 snee 25 gram) 11
stokbrood 1 sneetje (10 gram) 5

 

Beleg (telkns voor 1 snee) Eenheid Koolhydraten in gram
zoet beleg (jam, honing, hagelslag etc.) 15 gram 10
halvajam 15 gram 4
kaas / smeerkaas 1 plak (20 gram) 0
pindakaas 15 gram 2
salade (bijv. kipkerrie, komkommer) 30 gram 2
sandwichspread 15 gram 2
vleeswaren 1 plak (15 gram) 0
vruchtenhagel, muisjes 15 gram 15

 

Aardappelen en vervangers Eenheid Koolhydraten in gramm
gebakken aardappelen 1 opscheplepel 8
gekookte aardappelen 1 stuk ter grootte v/e ei (50 gram) 8
lasange (afhankelijk van bereiding) per 100 gram (2 eetlepels) 12
pannenkoek naturel 1 stuk (70 gram) 20
pasta (gaar) 1 opscheplepel (50 gram) 12
patat 1 opscheplepel (50 gram) 19
patat 1 zak (150 gram) 57
peulvruchten (erwten, linzen, bonene etc) 1 opscheplepel (60 gram) 10
pizza (groenten/ kaas/tomaat/vlees) 1 stuk (350 gram) 90
rijst (gaar) 1 opscheplepel (55 gram) 18
wrap 1 stuk (40 gram) 21

 

Fruit / groenten / moes Eenheid Koolhydraten in gram
verse aardbeien 1 schaaltje (100 gram) 5
gedroogde abrikoos 1 stuk (3 gram) 2
verse abrikozen 1 stuk (20 gram) 2
verse ananas 1 schijf (100 gram) 12
appel met schil 1 stuk (135 gram) 18
appelmoes (uit pot/blik) 1 schaaltje (200 gram) 38
appelmoes zonder suiker uit pot/blik of zelfgermaakt 1 schaaltje (200 gram) 24
banaan middel 1 stuk (130 gram) 27
banaan klein, kinderbanaan 1 stuk |(75 gram) 16
verse bramen 1 schaaltje (125 gram) 6
gekonfijte dadels 1 stuk (6 gram) 4
verse dadels 1 stuk (6 gram) 2
verse druiven 1 trosje (125 gram) 21
verse frambozen 1 schaaltje (100 gram) 5
fruitcocktail op siroop (glas/blik) 1 schaaltje (150 gram) 26
verse grapefruit 1 stuk (150 gram) 10
verse kersen 1 schaaltje (200 gram) 23
verse kiwi 1 stuk (75 gram) 9
mandarijnen op siroop 1 schaaltje (125 gram) 18
verse mandarijnen 1 stuk (55 gram) 5
verse meloen 1 stuk (90 gram) 7
verse nectarine 1 stuk (90 gram) 6
verse peer 1 stuk (130 gram) 15
verse perzik 1 stuk (110 gram) 9
verse pruimen 1 stuk (40 gram) 4
rauwkost / rauwe groenten 1 schaaltje (70 gram) 2
verse rode bessen 1 schaaltje (100 gram) 4
rozijnen 1 eetlepel (10 gram) 8
verse sinasappel 1 stuk (120 gram) 9

 

Melkproducten Eenheid Koolhydraten in gram
chocolademelk/fristi/milk&fruit 1 beker (250 ml) 30
ijs/roomijs/softijs/sorbet 1 bolletje (50 gram) 15
melk/karnemelk/optimel drink 1 glas (150 ml) 7
optimel vruchtenyochurt 1 schaaltje (150 ml) 8
optimel vla 1 schaaltje (150 ml) 13
pap zonder suiker 1 schaaltje (150 ml) 17
pap met suiker 1 schaaltje (150 ml) 22
pudding 1 schaaltje (150 ml) 30
vla (vanille/div. smaken) 1 schaaltje (150 ml) 21
vruchtenyochurt/yochurt/vruchtenkwark 1 schaaltje (150 ml) 21

 

Vlees/kip/vis of vervangers Eenheid Koolhydraten in gram
kroket 1 stuk (65 gram) 11
vegetarische burger 1 stuk (75-100 gram) 13
visstick 1 stuk (25 gram) 4
vlees/vis/kip ongepaneerd 1 portie (100 gram) 0

 

Soep Eenheid Koolhydraten in gram
bouillon/ heldere soep zonder vermicelli 1 kop (250 ml) 1
cup-a-soup, div. smaken 1 kop (175 ml) ± 9
gebonden soep/heldere soep met vermicelli 1 kop (250 ml) ± 7
maaltijdsoep 1 kop (250 ml) 15

 

Dranken Eenheid Koolhydraten in gram
crystal clear (in pak) 1 glas (150 ml) 1
light frisdrank (cola, sinas, rivella, crystal clear etc) 1 glas (150 ml) 1
suikervrije ranja (Slimpie,Burg limo light, Tessiere 0%, AH 0%, Diaran) 1 glas (150 ml) 1
thee/koffie/water 1 glas (150 ml) 0
vruchtensappen (ook ongezoete), gewone frisdranken, alle soorten roosvicee, ook dieet en 50/50, lessini (ook light), ranja, icetea (ook light) 1 glas (150 ml), bij siroop per 35 ml onverdund af te raden wegens snelle vloeibare suikers (4-20 gram)

 

Diversen Eenheid Koolhydraten in gram
Maria biscuitje 1 stuk (5 gram) 4
volkoren biscuitje 1 stuk (10 gram) 7
blokjes kaas / worst 1 stuk (ca. 10 gram) 0
bonbon 1 stukje (15 gram) 8
borrelnootjes 1 handje (25 gram) 11
chips 1 handje (10 gram) 5
mini zakje chips 25 - 40 gram 13 - 21
chocolade (puur/melk/wit) 1 stukje (5 gram) 3
dropje/snoepje/spekje 1 stuk (5 gram) 4
Liga Evergreen, krenten 1 pakje (2 stuks, 2X21 gram) 24
moorkop 1 stukje (65 gram) 12
ontbijtkoek of kruidkoek 1 plak (25 gram) 18
prepsels/zoute stokjes 10 stuks (10 gram) 7
pinda's / noten divers 1 eetlepel (20 gram) 2
snack-a-jack (cheese / karamel) 1 stuk (10 gram) 8
Snelle Jelle (minder suiker) 1 stuk (50 gram) 28
Snelle Jelle (Zero) 1 plak (36 gram) 14
Snelle Jelle (ontbijtkoek) 1 plak (55 gram) 39
speculaasje 1 stuk (7 gram) 5
sultana's 1 pakje (2 stuks) 20
taart: kwark, slagroom, vlaai 1 punt (100 gram) 30
appeltaart 1 punt (100 gram) 41
waterijsje 1 stuk (55 gram) 12
zoute biscuitjes (Tuc) 1 stuk (4 gram) 2

De producten die in deze tabel staan, zijn gebaseerd op de analyses van de 'Eettabel' van het voedingscentrum.

Mocht u een product hebben, dat niet in deze tabel staat, dan kunt u een koolhydratenapp downloaden waar u dan de koolhydraten van het desbetreffende product kunt opzoeken, bijvoorbeeld 'mijn eetmeter' van het Voedingscentrum. Dit is een gratis app.