Spring naar de content

Kinderdagbehandeling, een dagje naar het ziekenhuis voor een operatie

In verband met een (kleine) operatie wordt uw kind enkele uren tot één dag opgenomen op de kinderdagbehandeling van Bernhoven. Het verblijf op de kinderdagbehandeling is altijd kort. De kinderen blijven er niet slapen, aan het einde van de dag gaan ze weer naar huis. In deze folder leest u hoe een operatiedag in grote lijn verloopt en krijgt u praktische tips over hoe u uw kind kunt voorbereiden op deze dag. Specifieke informatie over de ingreep zelf ontvangt u van de behandelend arts.

Dagopname: hoe gaat dat?

Uw kind staat ingeschreven bij Opname Planning. Van hen hoort u ongeveer een week van tevoren op welke dag uw kind verwacht wordt. U hoort dan ook op welke afdeling uw kind wordt opgenomen want dat hangt af van de ingreep die uw kind krijgt. Voor KNO bijvoorbeeld moet u meestal in het Ambulant Centrum zijn. Terwijl uw kind voor andere (of grotere) ingrepen op de kinder- en jongerenafdeling wordt verwacht.

Een dag voor de opname belt u zelf tussen 13.30-14.30 uur nog even naar Opnameplanning op 0413 – 40 19 18 om te horen hoe laat u en uw kind precies in het ziekenhuis moeten zijn

Spreekuur PPO: wat is dat? 

De operatie van uw kind gebeurt onder algehele verdoving. Daarom worden u en uw kind voor de opnamedag eerst verwacht op het spreekuur PPO (Preoperatief Poliklinisch Onderzoek). Een afspraak hiervoor krijgt u van Opname Planning. Het spreekuur PPO duurt ongeveer een half uur.

Tijdens dit spreekuur krijgt u een gesprek met de anaesthesioloog, dit is een arts die voor de narcose zorgt.  Om veilig een narcose te kunnen geven moet de anesthesioloog alles weten over de gezondheid van uw kind. Aan de hand van de vragenlijst en een gericht lichamelijk onderzoek, bespreekt de anesthesioloog hoe hij/zij uw kind wil gaan verdoven. Uw kind kan met behulp van een kapje met narcosegas in slaap worden gebracht of via een prik (infuus) met verdovende vloeistof.  De keuze voor een kapje of infuus hangt vooral af van de leeftijd en het gewicht van uw kind.

Narcose via een kapje

Over het algemeen gaan kinderen onder de tien jaar (gewicht <30 kg) met een kapje onder narcose. Het kapje wordt over de mond en de neus geplaatst. Door het inademen van het narcosegas dat zich in het kapje bevindt, valt uw kind in slaap. Het narcosegas vinden de meeste kinderen vies ruiken. Wanneer uw kind slaapt, wordt zo nodig een infuus in de arm ingebracht. Via dit infuus wordt tijdens de operatie zo nodig vocht en medicijnen gegeven. De naald wordt meteen verwijderd en een soort plastic hulsje blijft zitten.

Narcose via een infuus

Tieners (kinderen met een gewicht boven 30 kg) gaan via het toedienen van verdovende medicijnen via een infuusnaald in de arm (op de hand of in de elleboog) onder narcose. Deze infuusnaald wordt op de voorbereidingsruimte van de operatiekamer ingebracht. Via deze naald kunnen zo nodig ook extra medicijnen worden gegeven. De plaats waar het kind een prik voor de infuusnaald krijgt, wordt vooraf met een pleister verdoofd zodat de prik minder pijnlijk is voor uw kind. De naald wordt meteen verwijderd en een soort plastic hulsje blijft zitten.

Ernstige complicaties komen na een verdoving bijna niet voor. Wel kunnen bijwerkingen optreden. Bij kinderen zijn de meest voorkomende bijwerkingen na de algehele verdoving (narcose) vooral misselijkheid, braken en keelpijn. Deze verschijnselen verdwijnen meestal binnen enkele dagen.

Heeft u vragen over de narcose, stel ze dan gerust tijdens het spreekuur PPO zodat u goed geïnformeerd bent. De anesthesioloog die u op het spreekuur PPO ontmoet, is niet altijd de arts die uw kind tijdens de operatie verdooft.

Actueel medicatieoverzicht (AMO); meenemen voor uw eigen veiligheid

Wat is een AMO?
AMO staat voor actueel medicatieoverzicht. Het is dus een overzicht van de medicijnen die u op dat moment gebruikt.

Waarom een AMO?
Als uw arts medicijnen wil voorschrijven, leest de arts in uw AMO welke medicijnen u al gebruikt. Zo voorkomen we dat u medicijnen voorgeschreven krijgt die niet goed combineren met andere medicijnen.

Hoe kom ik aan mijn AMO?
Uw apotheker print voor u een AMO uit. Vertel uw apotheker ook als u medicijnen gebruikt zonder recept zoals pijnstillers, vitamines, anticonceptie pil of St. Janskruid en meld ook allergieën.

Ik heb nieuwe medicijnen gekregen. Hoe kom ik aan een aangepast AMO?
Tijdens uw ziekenhuisopname, polikliniekbezoek of bezoek aan uw huisarts kan uw medicijngebruik zijn veranderd. Let er op dat wijzigingen van medicatie of nieuwe gegevens in uw overzicht worden opgenomen door uw apotheker.

Wanneer neem ik mijn AMO mee?
Zorg dat u het overzicht altijd bij u heeft als u naar de specialist gaat. Dan kan de specialist zien of eventuele nieuwe medicijnen samengaan met medicijnen die u al heeft. Neem het ook mee als u naar de tandarts gaat.

Hoelang is uw AMO geldig?
Het document is maximaal drie maanden geldig maar dient bij iedere wijziging in de medicatie tussentijds opnieuw worden vervangen. Uw apotheek kan het actuele medicatie overzicht verstrekken.

Belangrijk om te weten voor de operatie!

Wat neemt u mee?

U kunt het volgende meenemen naar het ziekenhuis:

  • een schone pyjama of een schoon shirt (we adviseren om een extra pyjama en ondergoed mee te nemen).
  • eventueel de knuffel van uw kind. 
  • pantoffels of slippers. 
  • medicijnen die uw kind gebruikt, in de originele verpakking, ook medicijnen die uw kind af en toe gebruikt en de eventuele toedieningsmaterialen, denk bijvoorbeeld aan inhalatiemedicijnen.
  • eventueel iets te lezen en/of eten/drinken voor u zelf. Tegen betaling (via pin) kunt u iets te drinken of te eten kopen in de lounge op de kinder- en jongerenafdeling en de brasserie of het restaurant van Bernhoven.
  • de patiëntenpas van uw kind.

Ziekte

Neem op de ochtend van de opname (vanaf zeven uur) contact op met desbetreffende afdeling als:

  • uw kind braakt, koorts (>38 graden Celsius) of diarree heeft;
  • uw kind verkouden is;
  • uw kind in de afgelopen drie weken in contact is geweest met kinderziekten in het gezin, op school of in de omgeving.

Telefoonnummers:

  • Ambulant centrum (als uw kind voor een operatieve ingreep van de KNO-arts komt): 0413 - 40 36 09 of 40 36 10
  • Kinder- en jongerenafdeling (voor overige operaties): 0413 - 40 34 17

Medicijnen

  • In de twee weken voor de operatie mag uw kind geen aspirine (bijvoorbeeld Ascal) gebruiken. Deze medicijnen verhogen namelijk de kans op een nabloeding. Als pijnstiller kunt u wel paracetamol gebruiken.
  • Wanneer uw kind astma of bronchitis heeft en hiervoor inhalatiemedicijnen gebruikt, moet u uw kind deze medicijnen ook op de operatiedag gewoon geven. Neem deze medicijnen ook mee naar het ziekenhuis!
  • Zorg dat u paracetamol voor uw kind in huis heeft. Dit is een goede pijnstiller voor na de operatie. Als het nodig is om naast paracetamol extra pijnmedicatie te geven, dan krijgt u hiervoor een recept mee van de anaesthesioloog tijdens het PPO-bezoek.

Inentingen

Een eventuele inenting van uw kind kunt u het beste uitstellen tot uw kind na de operatie weer is opgeknapt (laat uw kind minimaal één week na de operatie pas weer inenten). Dit vanwege de kans op koorts door de inenting. (Een BMR-inenting mag tot twee volle weken voor de operatie zonder problemen gegeven worden. Alle andere inentingen zijn tot één week voor de operatie mogelijk).

Hoe bereidt u uw kind voor op de operatie?

Een opname in het ziekenhuis en een operatie onder algehele verdoving (narcose) is veelal een ingrijpende gebeurtenis voor een kind, en soms ook voor de ouders. Vooraf is moeilijk te bepalen hoe kinderen op een verblijf in het ziekenhuis reageren. De opname is vooral voor jonge kinderen vaak moeilijk te verwerken. Door hun fantasie kunnen angsten ontstaan. Door een goede voorbereiding vooraf en goede begeleiding tijdens de opname zal uw kind de ingreep rustiger ondergaan en beter verwerken. Helaas geeft een goede voorbereiding nooit de garantie dat uw kind niet meer angstig is.

Hierbij enkele tips om uw kind voor te bereiden:

  • Het tijdstip waarop u met de voorbereiding kunt beginnen hangt onder andere af van de leeftijd. Bij kinderen tot vier jaar adviseren we om dit een dag voor de opname te doen. Bij een ouder kind kunt u hiermee eerder beginnen.
  • Ervaringen leren dat een kind zich prettiger voelt als hij of zij weet wat er gaat gebeuren. Vertel de dingen eerlijk en duidelijk. Vertel vooral wat hij of zij zal zien, horen, voelen en ruiken maar praat ook over de minder leuke kanten; pijn, verdriet en honger. Alleen de dingen die het kind bewust meemaakt, zijn van belang te vertellen.
  • Kleine kinderen kunt u het beste spelenderwijs voorbereiden door bijvoorbeeld samen te tekenen, spelen, een platenboek te bekijken of de eigen tas in te pakken die uw kind mee naar het ziekenhuis neemt. Download hier het Voorlees- en kleurboekje van Bernhoven!

Daarnaast biedt Bernhoven verschillende mogelijkheden om u en uw kind voor te bereiden:

  • U kunt op de website www.bernhoven.nl/kinderdagbehandeling, zelf lezen hoe een operatiedag bij kinderen globaal verloopt. 
  • Tijdens het wachten op de PPO-afdeling (spreekuur anaesthesist) kunt u een fotoboek inzien waarin u kunt zien hoe de operatiedag globaal verloopt. Deze fotoverhalen kunt u ook online bekijken: www.bernhoven.nl/kinderdagbehandeling.
  • Op de Kinder- en jongerenafdeling kunt u een week lang een voorlichtingstas lenen. De inhoud van de voorbereidingstas ondersteunt u bij de voorbereiding. In deze tas zitten materialen die bij de operatie gebruikt worden. Deze tas is geschikt voor kinderen van 2 t/m 6 jaar. Wilt u de tas lenen, bel dan met de pedagogische medewerker via 0413 - 40 34 95. 
  • Voor de operatie laat de verpleegkundige of de pedagogisch medewerker het slaapkapje zien en ruiken. Ze legt uit hoe het slaapkapje werkt en vraagt aan uw kind of hij/zij wil oefenen.

De opnamedag

Voorbereidingen thuis

Op het spreekuur PPO heeft u informatie en instructies gekregen over de opname en operatie. Beide ouders mogen de hele dag bij hun kind blijven, op de operatiekamer kan slechts één ouder mee. Volg hierbij onderstaande adviezen en instructies op voordat u met uw kind naar het ziekenhuis komt.

Hygiëne en veiligheid

In verband met hygiënische omstandigheden die in de operatiekamer verplicht zijn, is het belangrijk dat u:

  • eventuele sieraden van u en uw kind thuis laat,
  • uw kind thuis gebadderd of gedoucht heeft,
  • eventuele nagellak en make up bij uw kind verwijdert.

Nuchter

Kinderen die een algehele verdoving krijgen moeten nuchter komen. Dat wil zeggen dat zij vanaf een bepaald tijdstip voor de opname niet meer mogen eten of drinken (met de opnametijd wordt het tijdstip bedoeld waarop u zich meldt op de afdeling en dus niet het tijdstip van de operatie). Als uw kind kort voor de opname toch gegeten of gedronken heeft, kan geen narcose gegeven worden in verband met gevaar voor verslikken. De operatie moet dan uitgesteld worden.

Nuchter bij baby's van 0 t/m 5 maanden 

  • Uw kind mag tot 6 uur voor de OPNAME eten en drinken.
  • Uw kind mag tot 4 uur voor de OPNAME borstvoeding krijgen.
  • Uw kind mag tot 1 uur voor de OPNAME alleen nog water of ranja drinken (géén melkproducten, géén roosvicee en géén sinaasappelsap).

Nuchter bij kinderen van 6 maanden en ouder

  • Uw kind mag tot 6 uur voor de OPNAME eten en drinken.
  • Uw kind mag tot 2 uur voor de OPNAME alleen nog water, thee met suiker of ranja drinken (géén melkproducten, géén roosvicee, géén sinaasappelsap en géén koolzuurhoudende dranken).

Bij opname krijgt uw kind nog een klein beetje limonade (hoeveelheid afhankelijk van het gewicht van het kind) om eventuele medicatie mee in te nemen.

Waar meldt u zich?

Op de dag van opname melden u en uw kind zich op het afgesproken tijdstip of:

  • bij de balie van de Kinderdagbehandeling op het Ambulant centrum, routenummer 140 of 
  • op de Kinder- en jongerenafdeling, routenummer 470.

De secretaresse brengt u en uw kind naar de kamer.

Opname

De verpleegkundige neemt de gang van zaken met u door, stelt u nog een paar vragen over het nuchter zijn en het medicijngebruik van uw kind. Als u nog vragen heeft, stel ze dan gerust. De pedagogisch medewerker of verpleegkundige geeft nog korte informatie over de manier waarop uw kind de anesthesie (narcose) krijgt toegediend. Hierna trekt uw kind een schone pyjama, t-shirt of operatiehemd aan en krijgt uw kind een naambandje om.
De operatie kan pijnlijk zijn. Uw kind krijgt daarom al voor de operatie minimaal een paracetamol (zetpil, drankje, smelttablet of tablet) als pijnstilling om ervoor te zorgen dat uw kind na de operatie niet zoveel pijn heeft. In sommige gevallen krijgt uw kind nog meer aan pijnstilling voor de operatie. De anesthesioloog kan daarnaast ook een rustgevend medicijn voorschrijven.
De verpleegkundige en de pedagogisch medewerker brengen samen met u, na ongeveer een uur, uw kind naar de operatiekamer. De exacte tijd van de operatie is meestal moeilijk aan te geven. 
Eén van de ouders mag mee naar de operatiekamer. U krijgt speciale overkleding aan voordat u de operatiekamer binnen mag.

Bezoek

Op de dag van de behandeling is het niet goed als uw kind veel bezoek krijgt. Hoe goed bedoeld ook. U mag daarom alleen als ouders/verzorgers met maximaal 2 personen aanwezig zijn. Deze dag dus verder geen bezoek, ook niet van broertjes en zusjes, uitgezonderd in de borstvoedingsperiode. Na overleg mag het kind dat borstvoeding nodig heeft wel meegenomen worden.

De operatie: hoe verloopt die?

Aanwezigheid ouder op operatiekamer

Eén van de ouders mag aanwezig zijn tijdens het in slaap brengen van het kind. Een accent op 'mag', u bent niet verplicht om mee te gaan. Als u niet meegaat, is er altijd begeleiding van het ziekenhuis aanwezig. Op de dag van de operatie hoeft u dit pas te beslissen. De pedagogisch medewerker of verpleegkundige informeert u dan over de praktische gang van zaken. Zorg ervoor dat uw mobiele telefoon op stil staat.
Een verpleegkundige brengt u en uw kind naar de operatie-afdeling. In de voorbereidingsruimte mag één van de ouders bij het kind blijven totdat hij of zij aan de beurt is. In deze ruimte zullen ook andere patiënten aanwezig zijn. Als u aanwezig bent bij het inleiden van de narcose krijgt u ter plekke verdere instructies. In de operatiekamer ziet u dat alle mensen operatiekleding aan hebben, een muts en soms een mondmasker dragen. Ook staat er de nodige apparatuur.

Als u aanwezig wilt zijn bij het in slaap brengen van uw kind, is het volgende belangrijk:

  • Op de operatie-afdeling mag u in verband met hygiënevoorschriften geen sieraden dragen (ook het meenemen van uw tas is niet mogelijk, laat waardevolle bezitingen zoveel mogelijk thuis).
  • De operatie-afdeling is een steriele ruimte. Daarom krijgt u hier van ons een ‘overall’ aan (deze kunt u over uw eigen kleding aantrekken). 
  • Ga bij voorkeur niet met een lege maag naar de operatie-afdeling. De ervaring heeft geleerd dat door de spanning gecombineerd met een lege maag, de kans op flauwvallen groot is. 
  • Het is begrijpelijk dat u zich onzeker voelt of misschien bang bent. Laat dit echter niet aan uw kind merken, u bent degene waarop uw kind steunt en vertrouwt. 
  • Stel uw kind gerust, bijvoorbeeld door zacht tegen uw kind te praten of de arm/hand van uw kind vast te houden. 
  • Als uw kind tegenstribbelt, overtuig uw kind dan dat het echt even moet. 
  • De anesthesioloog kan u altijd verzoeken de operatiekamer te verlaten.

Uw kind wordt meestal liggend in slaap gebracht. Gemiddeld duurt dit ongeveer een minuut. Als uw kind in slaap valt, kunnen de volgende verschijnselen optreden:

  • wit wegtrekken. 
  • tranende ogen. 
  • scheel kijken of wegdraaien van de ogen. 
  • knipperen van de oogleden. 
  • ‘slap’ of juist onrustig worden.
  • hoesten. 
  • plotselinge schokbewegingen van de armen en/of benen.

Hierover hoeft u zich geen zorgen te maken; dit zijn normale reacties!

Op het moment dat uw kind diep genoeg slaapt, vraagt de anesthesioloog u de operatiekamer te verlaten. De ogen van uw kind zijn soms nog open, terwijl uw kind toch in diepe slaap is.

De pedagogisch medewerker brengt u naar een ruimte waar u kunt wachten totdat de operatie klaar is. 
Bij kleine (korte) operaties wacht u in de wachtruimte bij de operatiekamer. Bij langdurige operaties kunt u op de afdeling wachten. De verpleegkundige wordt gebeld als u naar de uitslaapkamer mag komen. Vervolgens brengt de verpleegkundige u naar de uitslaapkamer.

Na de operatie

Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer en wordt daar langzaam wakker. Eén ouder/verzorger mag daarbij zijn zodra de situatie op de uitslaapkamer het toelaat.
Als uw kind goed wakker is mag hij of zij weer naar de afdeling. Op de afdeling verblijft uw kind nog enige tijd afhankelijk van de ingreep, ter observatie. Van de verpleegkundige hoort u wanneer uw kind weer mag eten, drinken of bijvoorbeeld uit bed mag. Meestal is uw kind door de verdoving nog wat slaperig en/of misselijk. De pijnklachten zijn over het algemeen klein. Het wondgebied kan na de operatie rood worden en wat opzwellen. Ook is een beetje bloedverlies mogelijk.

Weer naar huis

Voordat u met uw kind naar huis gaat, geeft de verpleegkundige uitleg over wat u thuis kunt doen om uw kind te helpen zo spoedig mogelijk te herstellen.

Wanneer?

Wanneer uw kind weer naar huis mag, hangt af van de soort ingreep. Soms kan de behandeling tegenvallen. Uw kind wordt dan alsnog voor één of meerdere nachten opgenomen op de Kinder- en jongerenafdeling. Bij ontslag is, in verband met eventuele misselijkheid en kans op spugen van uw kind, het prettiger als u met eigen vervoer of taxi naar huis gaat en niet met het openbaar vervoer.

Pijnstilling

Afhankelijk van de operatie die uw kind ondergaat, krijgt u een recept mee met pijnstillers voor na de operatie. Wij verzoeken u dit medicijn tijdig bij uw apotheek op te halen. Zorg ook voor voldoende paracetamol in huis. Het is belangrijk dat u uw kind de pijnstilling op tijd geeft en niet wacht tot hij of zij pijn krijgt, dan loopt u namelijk achter de feiten aan en is het moeilijk om de pijn weer onder controle te krijgen. Wij geven u advies over de pijnstilling thuis (hoe lang pijnstilling toedienen en hoe kunt u het beste de pijnstilling afbouwen).

Pijn Telefoon Service

Bernhoven wil in een aantal gevallen (bij kinderen waarbij de keelamandelen verwijderd worden) graag op de hoogte blijven van het pijnniveau van uw kind en dit kan door middel van de (mobiele) telefoon. Op deze manier volgen wij de ernst van de pijn en kunnen we zo nodig adviezen geven om de pijn beter te behandelen. Veel pijn na een operatie is namelijk niet nodig en kan het herstel na een operatie belemmeren.

U wordt gebeld op het telefoonnummer wat op uw patiëntenpas staat. Als u op een ander nummer gebeld wilt worden, dan vragen wij u om het nummer aan te laten passen bij de patiëntenregistratie van het ziekenhuis.

Hoe werkt de Pijn Telefoon Service?

  • De Service start de dag na de operatie (= dag 1). Op dag 1 wordt u 2x gebeld, om 9.00u en om 19.00u. Op dag 3 wordt u 1x gebeld, om 14.00u. De telefoon wordt automatisch aangestuurd.
  • Een 'stem' vraagt u eerst een hekje te toetsen, daarna vraagt hij u om met de cijfertoetsen de mate van pijn aan te geven die uw kind voelt. U kunt daarbij kiezen uit een schaal van 0 t/m 10 waarbij 0 geldt voor geen pijn en 10 voor onhoudbare pijn. Als u de score heeft ingetoetst, wordt de verbinding verbroken.
  • Als het getal dat u heeft ingevoerd een te hoge score aangeeft, neemt een medewerker van het acute pijnteam (APS) contact met u op. Let bij het invoeren van de score goed op het juist inschatten van de pijn bij uw kind. Het eerste cijfer dat u intoetst kan niet worden hersteld.
  • Door uw medewerking kunnen we de pijnservice verbeteren en beter inspelen op mogelijke problemen. Wij danken u dan ook voor uw medewerking.
  • Als uw kind veel pijn heeft, moet u niet wachten tot u een telefoontje krijgt. Dan moet u bellen met Bernhoven Uden: 0413 - 40 40 40 en vragen naar de polikliniek van de KNO of buiten kantooruren met de Spoedeisende Hulp van Bernhoven Uden: 0413 - 40 10 00.

Controle

Wanneer nodig krijgt u een afspraak voor controle op de polikliniek of het telefoonnummer om een afspraak te maken.

Problemen thuis

Voor ontslag legt de verpleegkundige uit wat u moet doen bij problemen of complicaties. Bij complicaties binnen 24 uur na de operatie, kunt u het beste direct contact opnemen binnen kantooruren met de desbetreffende polikliniek. Buiten kantooruren kunt u de eerste 24 uur na de operatie contact opnemen met de afdeling Spoed Eisende Hulp (0413 - 40 10 00).

Heeft u vragen?

Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen over de gang van zaken, stel deze gerust op de dag van de behandeling. Specifieke informatie over de operatieve ingreep staat meestal in een aparte folder beschreven. Bekijk op de website www.bernhoven.nl/folders. Klik op patiënten folders, kies voor filteren op specialisme: kindergeneeskunde. U krijgt dan alle folders die door Bernhoven zijn geschreven over kindergeneeskunde.

Ook kunt u bellen met desbetreffende afdeling:

  • Ambulant Centrum op telefoonnummer: 0413 - 40 36 09 of 40 36 10
  • Kinder- en jongerenafdeling op telefoonnummer: 0413 - 40 34 17

Algemene informatie

Kinderwebsite

Bernhoven heeft een eigen kinderwebsite: www.bernhovenkids.nl. Hier kunt u, maar ook uw kind(eren) kennis maken met het ziekenhuis. Zo kunt u zich samen voorbereiden op een bezoek aan Bernhoven.

Parkeren bij Bernhoven

U kunt in Uden betaald parkeren op het ziekenhuisterrein. Parkeren kost € 1,25 per een uur. Vanaf 4 uur kost parkeren € 5,00. (Let op: als u met uw auto het parkeerterrein verlaat, kunt u uw kaartje niet opnieuw gebruiken). De betaalautomaten vindt u bij de ingang van het ziekenhuis en op het parkeerterrein. U kunt betalen met contant geld, pinpas en chipknip.

Niet roken

Bernhoven is een openbare ruimte en daarom is het ziekenhuis rookvrij. Dit rookverbod geldt ook voor de elektronische sigaret.

Fotograferen en/of filmen in het ziekenhuis

U mag als verzorger foto's en video opnames maken van uw eigen kind. Als u de verpleegkundige die uw kind verzorgt ook wilt fotograferen of filmen, moet u aan die persoon eerst toestemming vragen. Dit geldt voor alle medewerkers/specialisten die in Bernhoven werken

Maaltijden

Indien u als ouder een maaltijd wilt gebruiken kunt u deze tegen vergoeding verkrijgen in het restaurant op de eerste verdieping (openingstijden: 11.30-14.00 uur) of in de lounge van de vierde verdieping (openingstijden 7.30-21.00 uur).

Regioapotheek

Wanneer u een recept mee krijgt voor medicijnen in de vorm van een AMO-r, kunt u die bij uw eigen apotheek ophalen of bij de regioapotheek, naast de hoofdingang. Deze apotheek is 24 uur per dag geopend, 7 dagen in de week (www.regioapotheekbernhoven.nl, telefoon 0413-408780). Maar s ’avonds en s ’nachts kunt u alleen terecht voor spoedrecepten.

Rechten en plichten

Patiënten hebben wettelijke rechten en plichten, deze gelden ook voor (de ouders) van kinderen. De rechten van kinderen zijn per leeftijdscategorie geregeld. Voor kinderen tot twaalf jaar zijn de ouders de wettelijke vertegenwoordigers. Kinderen tussen twaalf en zestien jaar beslissen samen met de ouders, zowel kind als ouder geven afzonderlijk van elkaar toestemming. Kinderen van zestien jaar en ouder worden als volwassen patiënt gezien.
De rechten en plichten van kinderen zijn vastgelegd in de Wet op de Geneeskundige Behandelings Overeenkomst (WGBO). Voor ouders (en/of kinderen) is het belangrijk dat u op de hoogte bent van deze rechten en plichten. Uitgebreide brochures over rechten en plichten in de gezondheidszorg liggen ter inzage bij PatiëntService. Meer informatie vindt u ook op de website www.kindenziekenhuis.nl.

Informatieplicht

De behandelaar en u (en/of uw kind) hebben de plicht elkaar duidelijk en volledig te informeren. De behandelaar stelt mede op basis van uw informatie een goede diagnose en geeft een deskundige behandeling. U (en/of uw kind) moet op basis van de informatie van de behandelaar toestemming geven voor de behandeling van uw kind. De behandelaar moet u daarom in begrijpelijke taal informeren over:

  • de ziekte of aandoening van uw kind;
  • de mogelijke onderzoeken en behandelingen;
  • de bijwerkingen en risico's van het onderzoek of de behandeling;
  • eventuele andere behandelingsmogelijkheden.

Als u of uw kind de informatie niet goed begrijpt, geef dit dan aan of stel vragen.

Drie goede vragen

Als hulpmiddel om de juiste informatie te krijgen en een goed besluit te kunnen nemen is het gebruik van de zogenaamde 3 goede vragentechniek handig. Deze vragen kunt u bijvoorbeeld stellen tijdens een artsenvisite, maar ook tijdens een opname gesprek of het gesprek voor uw kind met ontslag gaat.

De drie vragen luiden:

  1. Wat zijn de mogelijkheden voor mijn kind?
  2. Wat zijn de voor- en nadelen van die mogelijkheden?
  3. Wat betekent dat in de situatie van mijn kind?

Doel van dit alles is dat uw kind de behandeling krijgt die het best past bij de situatie van uw kind.

Toestemmingsplicht

U moet toestemming geven voor de behandeling van uw kind. Wanneer sprake is van een ingrijpende behandeling zal de zorgverlener uitdrukkelijk uw toestemming vragen. In de overige gevallen gaan zorgverleners ervan uit dat u uw toestemming stilzwijgend geeft. Dit kan bijvoorbeeld blijken uit uw gedrag. In acute situaties mag zonder uw toestemming gehandeld worden.

Inzage in het dossier

In het ziekenhuis worden gegevens over de behandeling van uw kind in het medisch dossier vastgelegd. Elke ouder heeft recht op inzage in en recht op een afschrift van dit dossier. Ook jongeren van twaalf tot zestien jaar hebben dit recht. Als u wilt weten wat er in het dossier van uw kind staat of een afschrift wenst, dan kunt u dit vragen aan de desbetreffende zorgverlener. Voor meer informatie zie de folder: Omgaan met u persoonsgegevens en medisch dossier.

Geheimhouding persoonlijke gegevens

In het ziekenhuis worden allerlei persoonlijke gegevens van uw kind vastgelegd. Deze gegevens worden uitsluitend vertrouwelijk en beroepsmatig gebruikt. Gegevens over opname en ontslag worden doorgestuurd naar uw huisarts en naar de zorgverzekeraar in verband met betalingen. Andere gegevens komen in het dossier.

Patiënten plichten

Naast het duidelijk en volledig informeren van de behandelaar heeft u als patiënt ook de plicht de adviezen van de behandelaar zo goed mogelijk op te volgen.

Wettelijke identificatieplicht

In Nederland geldt voor iedereen van 14 jaar en ouder een wettelijke identificatieplicht. Geldig ID-bewijs is Nederlandse identiteitskaard of reisdocument voor vreemdelingen of vluchtelingen. Het ziekenhuis is verplicht de identiteit van uw kind vast te stellen met behulp van een van de genoemde documenten vanaf de geboorte. Dit betekent dat als u een patiënten pas laat aanmaken voor uw kind bij een eerste polikliniekbezoek u een ID kaart van uw kind nodig heeft.

Klachten

In de gezondheidszorg heeft u het recht om een klacht in te dienen, ook in Bernhoven. Het kan voorkomen dat u over sommige onderdelen van het verblijf niet zo tevreden bent. Uw problemen kunt u het beste zo snel mogelijk bespreken met degene die uw kind behandelt of met degene die naar uw mening de klacht heeft veroorzaakt. Deze directe benadering gaat niet iedereen even gemakkelijk af. Daarom kunt u altijd een beroep doen op de medewerker van PatiëntService of de klachtenfunctionaris van het ziekenhuis. Meer informatie over de klachtenbehandeling leest u in de ziekenhuisfolder Klachtenprocedure Bernhoven, te verkrijgen bij PatiëntService en via de website van het ziekenhuis (www.bernhoven.nl).

PatiëntService

Bij PatiëntService kunt u onder andere terecht voor:

  • vragen, opmerkingen of klachten naar aanleiding van de behandeling of verzorging van uw kind in het ziekenhuis;
  • folders over ziekten, onderzoeken en behandelingen;
  • adressen en activiteiten van patiëntenverenigingen en gezondheidszorginstellingen;
  • informatie over de gang van zaken in het ziekenhuis.

PatiëntenService is geopend op ma-vrijdag van 08.30 tot 17.00 uur en vindt u in de centrale hal (bij de receptie). Routenummer 30. Telefoon 0413 - 40 29 01. E-mail: psb@bernhoven.nl